Posts tonen met het label klopt niet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label klopt niet. Alle posts tonen

donderdag 15 november 2018

Rerun: Niet het hoofd alleen III



Vandaag in de herhaling het laatste deel van mijn driedelige rant tegen zaken in het onderwijs waar ik fel op tegen ben. Deze stukken verschenen eerder in augustus en september 2017, maar zijn helaas actueler dan ooit. In de vorige twee blogs vertelde ik over hoe kinderen door beleidsmakers in het onderwijs gezien worden als niet meer dan cognitieve wezens. Lees even terug als je wilt weten hoe het zat, lees door om erachter te komen waarom juf Jolanda zich boos maakt...

Dat is het dus. Mensen hebben in de visie van onze overheid alleen waarde als ze economisch valide zijn. Je mag zo min mogelijk kosten en zoveel mogelijk opleveren. Dat begint bij kinderen en het onderwijs. Het hele wezen van het kind wordt niet gezien. Kinderen zijn rondwandelende hersenen die aangesproken en beoordeeld worden op hun cognitieve vaardigheden. De rest kan in de prullenbak. Onbelangrijk.

Leren en ontwikkelen
Ik zie dat zoals gezegd anders. Voor mij bestaat een mens uit denken, doen en gevoel. Heeft elk mens een hoofd, een hart, een lijf en zelfs een ziel. Kan een kind dingen bedenken, fantaseren, spelen, bewegen, dansen, ruzie maken en samenwerken. 

En van alles, alles leer je. Je leert lezen, schrijven, rekenen, biologie, aardrijkskunde, creatief denken, dingen maken, oplossingen bedenken, hoe je met mensen om kunt gaan, hoe je conflicten op kunt lossen, hoe je soms verdrietig mag zijn en boos, en hoe het is om fijne dingen met anderen te delen. Je kunt leren wat je leuk vind, wat je moeilijk vind, waar je passie en je talent liggen en waar je je nog in kunt ontwikkelen. Al die dingen kun je leren. Mits je wordt gezien zoals je bent. En je de ruimte krijgt om te doen wat jij nodig hebt om te kunnen groeien. Groeien op cognitief, sociaal, emotioneel, motorisch en spiritueel gebied.

Om een kind op alle niveaus te laten stralen – in het Engels to prosper of thrive: het voorspoedig te hebben- moet je het ook op alle niveaus aanspreken. Het is niet vreemd dat ik met deze levensvisie werk op een Vrijeschool. Vrijescholen zijn immers ontwikkelingsscholen, waarbij het onderwijs geen doel is, maar een middel om een kind zich te laten ontwikkelen tot wie hij of zij is. In het Vrijeschoolonderwijs leren kinderen door middel van hoofd, hart en handen. Waarbij alle drie de elementen even belangrijk zijn, zowel op de basisschool als het voortgezet onderwijs. Of je nu Vmbo-T doet, of Vwo. Ieder mens heeft immers een hoofd, een hart en over het algemeen ook handen.

Begrijp me goed. Ik ben niet tegen regulier onderwijs. Scholen doen hun uiterste best om er te zijn voor hun leerlingen en behalve denkstof ook creatieve, sociale en lichamelijke activiteiten aan te bieden. Maar doordat deze niet getoetst worden en in bredere zin genegeerd, raken deze dingen hoe langer hoe meer in de periferie. Meesters en juffen balen hier vaak het meest van. Vroeger was er veel meer ruimte voor tekenen en knutselen, nu mag je blij zijn met een uurtje 'creatief' per week. Frustrerend voor leraren die zien dat dit ten koste gaat van hun leerlingen.

Bron:Pixabay.com


Cito terreur
Ik persoonlijk vind het armoede, pure armoede, dat een cito toets alleen lezen, schrijven en rekenen toetst. En ik vind het een nog veel grotere armoede, grenzend aan misdadig, dat er zoveel belang wordt gehecht aan die cito toetsen. Ook door ouders, want de meeste zijn al net zozeer geindoctrineerd door de hersenen-op-benen gedachte. Leuk hoor, dat tekenen in periodeschriften, maar leren mijn kinderen wel genoeg? 

Wat die cito toetsen betreft, ik zal nooit vergeten dat ik op een informatieavond was op de basisschool waar mijn dochter net in groep zeven zat. Een enthousiaste meester vertelde over de quiz die hij elke week deed, de excursies in het bos vlakbij, de muziek die hij maakte met de kinderen, en tot slot zei hij, op vermoeide toon iets over de citotoets. Over dat dit moest, er nu eenmaal bij hoorde, maar dat het slechts een momentopname was, en dat volgend jaar de leraar van groep acht een advies zou geven op basis van zowel toetsen als het beeld dat de afgelopen acht jaar was ontstaan. Hij drukte ouders op hun hart om zich er niet druk over te maken, dat er niets extra's nodig was en dat ze vooral geen druk op hun kinderen moesten leggen, want al die nadruk op cito: het was gewoon niet nodig. Ik voelde me na dit verhaal gerustgesteld. Een meester naar mijn hart. Niet iedereen van de ouders deelde dit geloof ik, want toen na direct na dit verhaal de ouders vragen mochten stellen, was de eerste vraag die gesteld werd 'Eh ja, maar hoe kunnen we nu die cito thuis gaan oefenen? We hebben al bijles geregeld.' Zucht.


En nog steeds afvragen hoe het komt dat er steeds meer mensen zijn die op steeds jongere leeftijd al lijden onder een burn out?

donderdag 1 november 2018

Rerun: Niet het hoofd alleen II


Vandaag gaat het tweede deel van mijn driedelige betoog tegen een veel te beperkte visie op kinderen en onderwijs in de herhaling. Eerder kon je dit lezen in augustus en september 2017, maar ik wilde er graag nog eens de aandacht op vestigen. Vorige keer vertelde ik over hoe kinderen benaderd worden in het onderwijs. Over hoe vooral het hoofd aangesproken wordt. Deze keer ga ik hier verder op in.


Dit hele principe vind ik dus zum kotzen. Ik besta uit meer dan mijn hoofd, jij hoogstwaarschijnlijk ook, en kinderen zeker. Kinderen leren op zoveel manieren. Door te spelen, te tekenen, te dansen, te bewegen. Maar er wordt hen zoveel ontnomen door alles wat tegenwoordig moet. Verplicht een x aantal woorden kennen in groep twee. In groep 3 huiswerk mee voor aardrijkskunde. Citotoetsen met al in groep 5 waar al een eerste advies voor het voortgezet onderwijs uit voortvloeit. Wat een enorme onzin! En wat een bak met ellende.

De wortel van alle kwaad
Natuurlijk doen scholen hun uiterste best en ik spreek vaak basisschoolleraren die balen van wat er moet gebeuren. De meeste scholen gaan zo flexibel mogelijk om met alles wat het Ministerie hen oplegt, maar kom op! Er is toch iets mis, als je je als school in bochten moet gaan wringen om een kind een jaar langer in groep twee te laten. Iedereen moet doorstromen, iedereen moet door. Zo snel mogelijk op een liefst zo hoog mogelijk niveau door het onderwijs heen. Een jaar langer op school kost geld en kenniseconomie of niet, er moet wel zo min mogelijk doekoe aan worden uitgegeven. Uiteindelijk draait het gewoon ook om de centjes.

Geen enkele zin
Wat ik zo naar vind is die gedachte die erachter zit. Om terug te komen op het voorbeeld van kinderen langer laten kleuteren, laatst was hierover groot nieuws. Nu kijk ik dat niet, maar zoals dat gaat bereikte het mij via via toch. Wat was dat nieuws? Nou, er was dus uit onderzoek gebleken dat een extra jaar in groep 2, voor kinderen die nog niet toe zijn aan groep 3 niets oplevert. Geen enkele zin, niet meer doen. Goed nieuws voor staatssecretaris Dekker van onderwijs, die in september 2016 nog vertelde dat hij zich zorgen maakt omdat veel te veel kinderen een jaar extra in groep 2 blijven. Hij wees naar dat onderzoek waaruit blijkt dat kinderen niet profiteren van dat derde kleuterjaar en verwacht dat scholen hun maatregelen zullen nemen.

Maar als je dan kijkt waarom kinderen volgens de onderzoekers niet profiteren van een jaar langer kleuteren dan blijkt dat kinderen die dat hebben gedaan in groep acht even hoog op de citotoets scoren dan kinderen die zonder extra jaar door zijn gestroomd. Cognitief gezien levert het niets op. En dat is de crux. Dat is waar ik tegenaan loop, dat is waar ik zo enorm spinnijdig van kan worden. Die volslagen beperkte redenatie. Cognitief gezien levert het niets op, dus levert het niets op. Iets heeft alleen maar nut als je er cognitief gezien slimmer van wordt. Iets is alleen maar goed en nuttig als het hogere citoscores oplevert. Al het andere is niet slechts van ondergeschikt belang, het is van nul en generlei belang. Telt niet mee, doet er niet toe.

Bron: Pixabay.com


Argumenten dat sommige kinderen het sociaal-emotioneel nodig heeft om nog wat langer te spelen? Irrelevant. Cito score is hetzelfde in groep 8. De redenatie dat kinderen die naar groep 3 moeten voordat ze er qua ontwikkeling aan toe zijn, onzeker kunnen worden en makkelijk faalangstig worden, en dat hun hele leven met zich mee dragen? Niet van belang, want cognitief schiet je er niets mee op.



En omdat ik na dit stuk pas goed op gang kwam plakte ik er nog een deel aan vast. Deze kun je in de rerun van donderdag 15 november vinden. 

maandag 12 februari 2018

Stakingen in het onderwijs: broodnodig!

Is het nog nodig dat ik hier uit leg hoe belangrijk leraren zijn? Nee, toch? 

En toch lijkt het of sommige mensen het beroep van leerkracht voor lief nemen. Die het zien als een soort roeping. Iets wat je meer uit liefdadigheid doet dan dat het een echte carrière is. En die vaak bovendien denken dat het zo moeilijk niet kan zijn, lesgeven. Luizenbaantje. 

Werkdruk

Dat laatste, daar ga ik nu even niet op in. Ik ga ervan uit dat de meeste mensen wel weten wat voor duizendpoot je moet zijn om een groep kinderen iets te leren, zelfs al weten ze niet wat er allemaal precies bij komt kijken. Zeker in het basisonderwijs, waarin je allemaal verschillende vakken in de vingers moet hebben. (En laat werken in het basisonderwijs nu net het minste betalen, van alle banen in het onderwijs…) Desondanks nog even een dingetje. Dat lesgeven is maar een deel van wat een docent of leerkracht allemaal doet. Neem nu de gemiddelde meester of juf in het basisonderwijs. Naast het geven van lessen (en deze voorbereiden en nakijken) hebben ze nog een sjipsload andere taken. Contact met ouders, bijvoorbeeld. Vergaderingen. Werkgroepen. Leerlingvolgsystemen bijhouden. Buitenschoolse activeiten. Bijzondere binnenschoolse activiteiten. Professionaliteitsbevordering. Studiedagen. Projectweken. Contact met maatschappelijk werk, jeugdzorg en anderszins. Begeleiden van stagiairs. Nou ja, je snapt het wel. 

A bloody shame!

En het zijn juist dat soort taken rondom het echte lesgeven die energie slurpen. En tijd natuurlijk. Ik had al eens genoemd dat leerkrachten in het basisonderwijs betaald worden om (in een full time betrekking) 40 uur te werken, maar dat ze in de praktijk gemiddeld 46,9 uur per week werken. (bron: http://www.aob.nl/default.aspx?id=12&article=52823

Dat is dus 6,9 uur per week onbetaald werken. Iedere week. Half uurtje hier, twee uurtjes daar, het telt allemaal wel op en ze krijgen er geen cent extra voor. Geen wonder dat met name de werkdruk maakt dat onderwijzend personeel uit valt. (bron: https://www.volkskrant.nl/wetenschap/1-op-5-basisschoolleraren-ervaart-burn-outklachten-klopt-dit-wel~a4496585/) Wie houdt zoiets langdurig vol? Ik niet, en ik hou toch met heel mijn hart van lesgeven. Leraren staan al jaren op nummer een als het aankomt op burn-outs. Ik vind dat een schande.

Als maatschappij hebben we er blijkbaar voor gekozen om zo om te gaan met de mensen die de zorg hebben voor onze kinderen. Nederland pretendeert de kenniseconomie hoog te willen houden, maar van die kennis en economie overheerst al jaren nummer twee. Het mag allemaal niets kosten. Salarissen niet, maatregelen om werkdruk te verlagen niet, niks. We zijn inmiddels in een situatie beland waarin het gewoon niet meer gaat. De kwaliteit van ons onderwijs is ernstig in het gedrang. Er zijn al scholen die leerlingen naar huis moeten sturen bij ziekte van leraren, omdat er geen vervangers meer zijn.

Logisch gevolg

Er zijn immers steeds minder mensen die het onderwijs in willen en dus loopt het tekort op. Raar is dat ook niet. Dat van die werkdruk raakt steeds meer bekend. En daarnaast is het salaris niet te vergelijken met functies op gelijk niveau in het bedrijfsleven. Mensen moeten net zolang studeren, op hetzelfde (HBO) niveau, lopen dezelfde studieschulden op als mensen met een vergelijkbare commerciële opleiding, maar de beloning als ze werk vinden, blijft ver achter. Logisch gevolg is dat het in zo'n maatschappij steeds moeilijker wordt om jonge mensen te interesseren voor een baan in het onderwijs.

Ik ben faliekant tegen het propageren van het beroep van docent als een soort roeping. Het werk moet bij je passen, dat is duidelijk, maar dat is in elk beroep zo. Ik vind de kwaliteit van onderwijs in een land een van de belangrijkste dingen die er bestaan. En iets dat belangrijk is verdient waardering. Niet alleen in de vorm van chocola en douchegel als verjaardagscadeau, of een mok met het opschrift 'beste juf', bij het afscheid aan het einde van het schooljaar, maar waardering in de vorm van een fatsoenlijk salaris en van geld dat vrijkomt om onderwijsassistenten in dienst te nemen. Iets van die taken die zoveel tijd en energie slurpen te kunnen delegeren.

Ooit, in de tijd dat mijn schoonouders jong waren, de jaren zestig van de vorige eeuw, was het beroep van onderwijzer een beroep van aanzien. Een manier zelfs om op te klimmen in de maatschappij. Iemand uit een arbeidersgezin of uit een familie die niet erg vermogend was, maar die wel kon leren, kon via de kweekschool omhoog komen. Als je onderwijzer was dan verdiende je niet alleen meer geld, maar je kreeg ook  respect. De mensen in het dorp waar tegenop werd gekeken, dat waren niet alleen politie en burgemeester, maar ook de meesters en juffen. Dat alles is in enkele decennia langzamerhand vakkundig afgebroken. En met het salaris dat in de loop der jaren niet evenredig verhoogd werd zakte het aanzien van, het respect voor. En niet te vergeten de animo om te gaan werken in het onderwijs.

Daar plukken we met z'n allen nu de wrange vruchten van.


Bron: Pixabay.com
Dat is dus waarom de leerkrachten in het basisonderwijs opnieuw staken. Omdat deze regering opnieuw weigert in te zien dat het nodig is om te investeren in goed onderwijs. Geen doekje voor het bloeden, niet afschepen met iets dat wederom niet echt iets oplevert, maar werkelijk investeren. Om te zorgen dat elk kind een goede meester of juf voor de klas houdt.

Want potverdorie! Dat zijn die basisschoolleerkrachten waard! (en die kinderen ook, trouwens.)