Posts tonen met het label lezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lezen. Alle posts tonen

maandag 17 september 2018

Juflezen: Petjes en prinsesjes

Behalve heel veel ontspannen, kringlopen, andere uitjes en in mijn hoofd voorbereiden op een nieuw schooljaar (Een jaar waarin ik hopelijk steeds beter onder de knie te krijgen hoe je kunt lesgeven zónder opgeslokt te worden door je werk!) las ik deze vakantie ook heel veel.


Bron: Pixabay.com


Ik schreef op Ogma.nu (Dat heel leuke boekenblog, weet je wel?) een stukje over wat ik allemaal las, maar speciaal voor dit juffenblog een kleine aanvulling. 


Ik las namelijk ook een heel leuk boekje met de columns van een medejuf: Petjes en Prinsesjes. Zij geeft weliswaar les op de basisschool, maar onderwijs blijft onderwijs en ik vond het leuk om te lezen wat zij allemaal schrijft. 


Inge Braam, die voor het Onderwijsblad, al jaren columns schrijft onder het pseudoniem Lachesis, schrijft over haar leerlingen, haar stagiairs, haar collega's, ouders van leerlingen en over haar studenten (ze geeft ook les op een Pabo). Wat opvalt is hoe ze deze personen trefzeker, soms pijnlijk eerlijk, maar ook kwetsbaar en met humor neerzet. Soms zie je haar zelf ook terug, zeker in het contact met de ander, waardoor je er en passent ook achter komt hoe zij over bepaalde zaken denkt. Maar vaak ook niet, het gaat meer over de ander dan over haar als juf. 


Bron: Bol.com. Boek: Petjes en Prinsesjes. Auteur: I. Braam
Uitgever: Spectrum 
  • Nederlands 
  • 1e druk 
  • 9789027419408 
  • juli 2005 
  • Paperback 
  • 160 pagina's

  • Ik word daar soms een beetje onzeker van. In alle eerlijkheid is dit blog, onder het mom van onderwijsblog, natuurlijk weinig meer dan een veredeld dagboek. Het zijn verhaaltjes over juf Jolanda, die soms dingen meemaakt, vaak haar mening geeft, en af en toe iets over anderen vertelt. Tegelijkertijd is dat dan maar zo. Dit is zoals ik schrijf, en gelukkig zijn er nog mensen die dat leuk vinden om te lezen. Inge Braam heeft een totaal andere stijl die ik erg fijn vond om te lezen. Terwijl ik dit schrijf bedenk ik me ineens dat zij, juist door de situatie en de personen zo helder te beschrijven ook vertelt over zichzelf. Een goede waarnemer is ze, en iemand die zonder een woord teveel te gebruiken een beeld kan neerzetten van iets of iemand. Maar bovenal is ze iemand die, ondanks een oog voor zaken die minder plezierig zijn, houdt van haar werk en van de kinderen die ze lesgeeft, dat lees je dwars tussen de regels door.

    En dat is iets dat we gemeen hebben. 

    donderdag 16 november 2017

    Boeken op school

    (dit artikel verscheen eerder op Ogma.nu, het eigenzinnige online boekenmagazine, over oude boeken, stoere boeken en boeken waar je om moet zoeken, maar die het zoeken waard zijn) 
    Zoals jullie misschien al weten ben ik zowel schrijver als docent, en hou ik bovendien erg van lezen en boeken. Geen toeval dat ik op dit blog terecht ben gekomen! Ik doe op school ook veel aan lezen. Als leerlingen hun huiswerk af hebben, of eerder klaar zijn met een overhoring of proefwerk dan staat er een bak klaar met allemaal boekjes. Vanaf een heel laag niveau tot gevorderden; ik heb Engelse boekjes voor iedereen, en elk kind kan dus iets vinden wat hem of haar aanspreekt. Voor de leerlingen die bang zijn dat het toch te moeilijk is of die weerstand hebben tegen een 'echt' boek heb ik ook Engelse tijdschriften en strips. Ik heb zelfs uit eigen portemonnee geïnvesteerd in een paar Engelstalige Donald Ducks. Ideaal om zelfs de grootste lees-tegenzin te overwinnen.

    Uitspraak en schrijfwijze
    Wat een probleem is bij Engels is dat veel woorden totaal anders geschreven worden dan ze worden uitgesproken. Neem bough en cough. De ene is een scheepsboeg en spreek je uit als 'bou', de ander betekent hoesten en spreek je uit als 'kof'. Daar zit weinig logica in en is voor een kind die nog weinig Engels heeft gehad best lastig. Tel daar de leerlingen bij op met dyslexie en klaar ben je. Lezen moet dus afgewisseld worden met luisteren, heel veel luisteren.

    Vertellen en voorlezen
    Wat ik veel doe om leesproblemen te omzeilen is voorlezen. Sinds luisterboeken ook voor volwassenen populair zijn is het stigma dat voorlezen alleen voor kleine kinderen zou zijn gelukkig minder geworden, hoewel op een Vrijeschool (ik werk op een middelbare Vrijeschool) dat bezwaar minder speelt. Verhalen vertellen en voorlezen hoort erbij en beide doe ik veel. 

    

Ik heb met name voor de basisschool (waar ik nu niet meer, maar in het verleden wel) zelf verhalen ontwikkeld waarbij de basis vast staat, maar waarbij de details door de leerlingen mogen worden ingevuld. Dit is een vorm van verhalen vertellen waarbij er veel interactie is tussen de leerlingen en mij. Heel leuk en intensief en een manier van leren en luisteren die natuurlijk aanvoelt. 

    Ik begin hier tegenwoordig in de eerste klas van de middelbare school mee. (in het vrijeschoolonderwijs zijn er op de basisschool geen groepen, maar klassen: een tot en met zes. Op de middelbare, waar ik werk, tellen we vervolgens door: zevende tot en met de twaalfde. Vandaar dat ik het hier heb over zevende en achtste klas, dit zijn de klassen waarin ik het meeste lesgeef)

 

    Voorlezen is bij mij ook deels uitbeelden. De boeken van Roald Dahl zijn hierbij een godsgeschenk. Wat een heerlijke verhalen, mooie figuren, lekker opstandige en excentrieke karakters. Een voordeel is ook dat de meeste leerlingen de verhalen van Dahl al kennen in het Nederlands. Als ze het dan in het Engels horen dan kunnen ze makkelijker de gaten invullen als ze bepaalde woorden niet begrijpen. 

    Griezels en vos
    Met de zevende klassen begin ik altijd met de Twits, de Engelstalige Griezels. Mr en Mrs Twitt die elkaar eerst op alle mogelijke manieren dwars zitten – to play nasty tricks – en daarna de avonturen van de apen en de roly-poly bird. Spannend en grappig, altijd een onweerstaanbare combinatie. 



    Aan het einde van de zevende, begin van de achtste klas lees ik the Fantastic Mr Fox voor. De Engelse taal van Dahl vind ik prachtig, en het rijmpje over de gemene boeren 

    (Boggis and Bunce and Bean, one fat, one short, one lean. Those terrible crooks, so different in looks are nonetheless equally mean

    zit in mijn hoofd gebakken. En dan kun je best al veertien zijn en dromen over Shawn Mendes of andere onbereikbare idolen, leerlingen zitten nog steeds op het puntje van hun stoel bij dit soort verhalen. Gewoon even lekker luisteren naar een verhaaltje in plaats van een stomme invuloefening uit het boek. Relaxt.


    Weten zij veel dat ze van die voorleessessies misschien nog wel meer Engels leren dan van die invuloefeningen.