Posts tonen met het label liefdevol lesgeven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label liefdevol lesgeven. Alle posts tonen

donderdag 24 januari 2019

Rerun: Blij ei


Iedereen die denkt dat ik altijd een blij ei ben: dat klopt. Meestal. Dat blijkt maar weer uit dit stuk uit 2017 dat vandaag in de herhaling gaat.

Een deel van de antroposofische onderwijsvisie houdt in de docent enorm belangrijk is. Hij of zij dient positief en enthousiast te zijn, voor het vak en ten opzichte van de leerlingen. Bovendien wordt er verwacht dat je kunstzinnig en creatief lesgeeft.

Mij kost dit over het algemeen weinig moeite. Ik vind het namelijk echt leuk om les te geven en ben oprecht enthousiast over wat ik doe. Heerlijk, dat reciteren, luisteren naar mooie liedjes, in gesprek gaan met de klas, verhalen vertellen. Ik ben kunstzinnig en creatief, de lessen die ik ontwikkel zijn dat ook zoveel mogelijk en als je het leuk vind wat je doet is het niet moeilijk om enthousiast te zijn.

Bron: Pixabay.com
Fijne combi
Ik vind Engels een prachtige taal en geschiedenis (laten mijn lerarenopleiders het niet horen) zo mogelijk een nog mooier vak. Daarnaast vind ik het erg leuk om verhalen te vertellen. Ik ben op mijn blijst als ik een periode Renaissance kan geven en naast een stuk kunstgeschiedenis ook kan vertellen over de Engelse renaissance; Henry VIII en al zijn vrouwen, Elizabeth I, Shakespeare, sir Francis Drake. Of over de Industriële Revolutie; enclosure, opkomst van de industrie, uitvindingen, sociale kwestie met een staartje Victoriaanse tijd en Dickens. En geschiedenis en Engels en mooie verhalen om te vertellen, mijn persoonlijke lesgeefhemel!

Te vrolijk
Voordat dit een al te vrolijk stukje wordt; ik ben natuurlijk slechts een mens. Een mens bovendien met Pms, kinderen die de neiging hebben om zo af en toe ziek te zijn, slechte nachten en andere zaken die mij uit mijn blij-ei-modus halen. Als er dingen aan de hand zijn die groter zijn dan een alledaagse irritatie of slecht humeur, er echt iets aan de hand is, dan speel ik meestal open kaart met mijn klassen. Als er iemand in je omgeving erg ziek is of zelfs komt te overlijden dan kun je er even niet optimaal zijn en leerlingen mogen dit best weten.

Ziek
Ook heb ik regelmatig te maken met ziekte; mijn zwakke plek is voorhoofdholte-ontsteking en dat duurt zo vier weken. Als het te erg wordt, blijf ik uiteraard thuis, maar dat kan niet altijd. In die gevallen dat ik op school ben maar het eigenlijk net wel/ net niet kan, leg ik het ook uit aan mijn klassen. 'Ik ben er wel, maar voel me behoorlijk naar, wazig en duizelig. Het zou heel fijn zijn als jullie vandaag even extra lief voor me zijn.' Het fijne is: negen van de tien klassen zijn dat dan ook. Net mensen, die pubers.

Heppie de peppie

Als het iets minder groots is, maar ik me om de een of andere reden (hormonen hebben hier vaak mee te maken) niet echt heppie de peppie voel dan bluf ik me er meestal doorheen. Ik doe dan net of ik wel vrolijk ben. En het rare is: dat werkt dus echt. Niet bij echt groot verdriet en narigheid, maar bij huis-tuin-en keuken chagrijn wel. Hoe je dat doet? Jezelf vrolijk bluffen? Ik zet een grote glimlach op. Dat kan gekunsteld of krampachtig aanvoelen, maar ik doe het wel. Met die grote glimlach richt ik me bij de deur op de leerlingen die binnenkomen, schud hen de hand en laat hen weten dat ze welkom zijn. Ik doe mijn best hen vrolijk de klas binnen te laten, deel even een extra complimentje uit en maak bewust, met aandacht contact met de kinderen die binnen komen.

Wat er dan -vaak- gebeurt is bijzonder. Althans, dat vind ik. Leerlingen vinden het altijd fijn om positief benaderd te worden en reageren leuk. Er ontstaat een goede energie en met die energie start ik de les. Vaak treedt dan (bij ziekte of hoofdpijn) adrenaline in werking en negen van de tien keer eindig ik met meer energie de les dan ik eigenlijk in het begin voelde. En wat nog fijner is: de vrolijkheid waarmee ik dan weer afscheid van de klas neem is niet geveinsd.


Zo gebeurt het regelmatig dat ik met een grote glimlach de school uitstap, terwijl ik een paar uur daarvoor nog met een chagrijnige kop binnen stapte. Lukt niet altijd, maar die keren dat het wel zo gaat is winst. Voor alle partijen.

En toch he? Toch is niet alles rozengeur en maneschijn. Aanstaande maandag doe ik iets dat ik niet vaak doe. Ik focus dan voor een keertje op de zaken van mijn beroep waar ik niet vrolijk van wordt. Mag ook weleens. Altijd maar die pipo-positivo uithangen, dat houdt niemand uit… ;-) 





donderdag 13 december 2018

Rerun: Liefdevol lesgeven


Nu ik op dit blog los ben gegaan met Kerst is het in de donderdagherhaling ook tijd geworden voor een kerstmissig stuk. Liefde, vrede en welbehagen, je kent het riedeltje wel.

Ze zeggen weleens dat als je aardig wilt worden gevonden, je niet het onderwijs in moet gaan. Nu zit hier best een kern van waarheid in, hoor, maar voor mij klopt het niet helemaal. Kijk, als er kwesties zijn waar ik over ga, dan beslis ik. Ik heb de leiding in de klas, ik bepaal hoe dingen gaan. Ik hou van overleg maar uiteindelijk ben ik de baas. Ik ben niet bang om soms te besluiten tot zaken waar niet iedereen van mijn leerlingen het mee eens is. Soms zelfs geeneen. Maar ik vind een goede sfeer in de klas heel erg belangrijk. Soms misschien wel belangrijker dan orde houden. Hoorde je dit nu goed? Ja.

Goede sfeer
Natuurlijk is orde in de klas een belangrijke voorwaarde om tot leren te komen. Ik creëer dit soort momenten zorgvuldig, in bijna elke les is er wel een moment waarin elke leerling in doodse stilte aan het werk is. Heerlijk, de rust die dan in de klas neerdaalt! Maar dit is niet altijd zo. Sterker nog, vaak is het bij mij in de klas een beetje rommelig, een gezellige bende zou je het kunnen noemen. Ik bepaal wanneer deze momenten zijn en ik bepaal ook wanneer het stopt, maar voor de rest laat ik het zo, omdat ik merk dat als leerlingen zich goed voelen, ze ook eerder iets leren. Ik ben wat dat betreft geen strenge juf.

Aardig
Dit zorgt ervoor dat veel van mijn leerlingen mij aardig vinden. Plezierig vanwege bovenstaande reden, maar geen hoofddoel. Omgekeerd vind ik eigenlijk (bijna) al mijn leerlingen aardig. Iedereen? Ja, hoe raar het ook klinkt. Ik werk niet voor niets in het onderwijs. Ik ben sowieso geïnteresseerd in mensen, wat hun leeftijd ook is, maar jonge mensen tussen de twaalf en achttien hebben iets bijzonders. Iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten, talenten, gaven, en aan elke leerling kan ik wel iets moois, iets eigens ontdekken. 

Bron: Pixabay.com



Lukt het me niet om dat te vinden, is het vooral een motivatie om door te blijven zoeken. Is het nu een en al hosanna en hippie onderwijs bij mij in de klas? Neen. Ik ben zelf immers slechts een mensch, eentje met pms bovendien en heel soms komt het voor dat het niet klikt met een leerling. Meestal zet ik dan door en besteed dan extra aandacht aan diegene. Ik ben gelukkig wel dusdanig professioneel dat de desbetreffende puber er zelf niets van merkt. Negen van de tien keer zorgt de extra aandacht er trouwens voor dat er vanzelf een soort verbinding ontstaat. Die tiende keer blijft de leerling een mysterie voor mij en blijft het niet klikken. Maar waar ik inmiddels honderden leerlingen, wellicht misschien wel tegen de duizend, heb les gegeven is het aantal leerlingen met wie ik echt niets had op 1 hand te tellen. Best een goed gemiddelde vind ik. Uiteindelijk komt het erop neer dat ik probeer om liefdevol les te geven. Grote woorden en ook behoorlijk hippie de pippie, maar het zou wat. Ik hou van (bijna) al mijn leerlingen. En voor die ene schreef ik onlangs een klein versje.

Voor die ene dromende leerling.

Bron: Pixabay.com


Op een dag, zo dacht zij,
terwijl ze dapper doorzette zoals ze dat al zo dikwijls had gedaan,
op een dag dan zal ik zingend stralend naast de sterren staan.

Ze zette dus door

ze ploeterde en probeerde
ze zag haar kansen schoon
ze wikte en ze woog
ze droomde en ze droomde

en op een dag


           deed ze het gewoon.



(en aankomende maandag volgt de kerstquiz deel twee! Doe jij al mee?)

donderdag 29 november 2018

Rerun: Saint Nicholas, sinterklaas vieren in de Engelse les


In de rerun vandaag een bericht waar ik vorig jaar veel positieve reacties op kreeg. Niet zo raar misschien, want ik word er zelf ook blij van; een van mijn favoriete lessen van het jaar. 


Naar aanleiding van een verzoek van een trouwe lezer vandaag - zoals eerder beloofd- een stukje over wat ik tijdens de Engelse les doe om Sinterklaas te vieren. 

Tijdens mijn sinterklaasles noem ik het woord sinterklaas zeker niet. Nee, ik leg uit dat we deze hele les bezig gaan met het uitbreiden en ontwikkelen van hun woordenschat. Dit is namelijk heel belangrijk. (En dat is ook zo, maar in deze les gebruik ik het als vermomming voor iets anders. Laten we het een didactische surprise noemen).

Bron: Pixabay.com


Ik begin met het woord 'nice' op het bord te schrijven en leg uit dat zelfs in hun examenjaar veel leerlingen tijdens hun mondelinge examen of bij het schrijven van een brief niet verder komen dan het woord nice, als vertaling van het woord leuk, om iets te beschrijven dat ze plezierig of fijn vonden. Even een hogerejaars leerling nadoen (met vet aardappelEngels accent, denk Ruud Lubbers die Engels spreekt) helpt de sfeer verhogen en doet de leerlingen inzien dat dit misschien niet de manier is. Samen maken we rondom het woord nice een woordspin met zoveel mogelijk Engelse bijvoeglijke naamwoorden die iets positiefs verwoorden. (denk: amazing, wonderful, awesome etc.) Dan gaan we klassikaal bijwoorden bedenken om de bijvoeglijke naamwoorden te versterken (really awesome bijvoorbeeld, of very wonderful of extremely amazing). Ik voeg aan het pipo-positivo woordenballet op het bord nog een paar complimenteuze Engelse uitdrukkingen toe en laat deze door de klas herhalen, denk hierbij aan iets als: (you are) the cat's whisters, (he is) the bee's knees of (she is) the cat's meow. 

Dan deel ik briefjes uit en laat ik elke leerling een zo uitgebreid mogelijk compliment opschrijven. Iets met zoveel mogelijk bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden, waarbij de opdracht is: wat voor compliment zou jijzelf graag willen krijgen? De leerlingen leveren de (anonieme) complimenten vervolgens bij mij in en ik lees ze allemaal even snel. Staat er iets onbehoorlijk in (wat gelukkig zelden zo is) dan moeten ze het overdoen. Iets onaardigs of schunnigs wordt niet getolereerd! Soms voeg ik zelf ook nog een paar toe. Ik stop alle dichtgevouwde briefjes in een zakje, zonder dat de leerlingen dat zien en zoek een pagina op internet op. Tijd om de surprise uit te pakken!

Want wat volgt nu? Een Engelse tekst op de muziek van het bekende liedje 'Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht.' Ik kondig aan dat we dit met z'n allen gaan zingen, want het is ten slotte (bijna) 5 december. Ondanks bedenkelijke blikken in het begin zingt de hele klas vrolijk mee met de tekst. En ik zelf natuurlijk ook. Leuk man!

Ik leg dan uit dat het oude principe nog steeds geldt: liedje zingen = cadeautje krijgen. Iedereen krijgt vandaag van Sinterklaas een compliment cadeau. Het zakje waar ik alle briefjes in deed is stiekem gewoon een jute (mini sinterklaas)zakje en hiermee ga ik langs alle leerlingen. Met in mijn andere hand een schaal met kruidnootjes en choconootjes, want zonder iets lekkers is het nog niet echt sinterklaas. Zo krijgt iedereen van een willekeurige klasgenoot een gemeend compliment en een paar kruidnootjes op de koop toe. Is dit uitgedeeld is de les voorbij en verlaat iedereen met een vrolijk gemoed de les: ze hebben iets gegeven, plezier gehad en iets gekregen. Precies waar Sinterklaas om draait volgens mij.

En ik? Ik verlaat aan het einde van een dag met zulke lessen met een blij rood hoofd de school: even heb ik Sinterklaas mogen zijn. :-) 


Ook dit jaar staat deze les weer op het programma, heb er nu al zin in! Aanstaande maandag kun je hier een update verwachten over hoe het nu met de burn out gaat, en de week erna begint de kerst lekker vroeg met de enige echte Juf Jolanda kerstquiz… Maar genieten jullie eerst nog even van alle Sinterklaas vrolijkheden? 

maandag 15 januari 2018

Bijzondere leerlingen V

Vandaag opnieuw een terugblik naar een paar leerlingen die ik in het verleden les gaf en die me altijd zijn bijgebleven.
Bijvoorbeeld de jongen die altijd vrolijk was. Echt altijd. Het is (met mijn persoonlijkheid, he, jullie zitten vast veel nobeler in elkaar dan ik) makkelijk om kriegel te worden van mensen die al te vrolijk happy happy joy joy lopen te doen, maar bij deze jongen was dat anders. Hij speelde het namelijk niet, hij was het echt. In situaties waarbij er iets ernstigs speelde was hij lief en vol medeleven, maar hij bleef positief, onder alle omstandigheden.

Zonnestraal

Ik heb nog nooit iemand meegemaakt die werkelijk niet boos of geïrriteerd te krijgen was, en die zelf evenmin boosheid of irritatie wist op te wekken. Voor de les tekende hij vaak een grote smiley op het bord, stond altijd klaar met een knuffel of een vriendelijk woord en te allen tijden werd je enthousiast en blij begroet. Ik heb het weleens met hem gehad over zijn vrolijkheid en hij vertelde dat hij gewoon meestal vrolijk was en het fijn vond om dat door te geven. Soms kom ik hem nog weleens tegen en krijg dan altijd een stralende glimlach cadeau. Een zonnestraal, die kerel.

Veulen 

Ik heb ook eens een leerling in de klas gehad die er een hekel aan had op te vallen. Lastig, want het was veruit de grootste leerling in de klas. Lang, met lange en onhandige ledematen, net een wankelend veulen in de wei. Daarnaast was het een waanzinnig intelligent kind, mijlenver vooruit op de rest van de klas. Talen, exacte vakken, beeldende vorming, alles leek haar makkelijk af te gaan. Ze maakte hier weinig ophef over, en probeerde onopvallend achter in de klas te blijven, onzeker over zichzelf en haar rol in de klas. Maar ze vond leren zo leuk dat ze nooit in de verleiding kwam om het minder te doen dan ze kon, om zo de aandacht over al die supergoede cijfers te ontvluchten. Trouw aan zichzelf en haar ambities, sterk ondanks haar onzekerheid en met een rechtschapen hart.


Ik mocht een tijdje haar mentor zijn en tijdens een van onze mentorgesprekken vertelde ze eens dat ze het niet leuk vond dat er gepest werd in de klas. Ik wilde graag weten wie haar dan pestte, maar dat bleek niet het geval. Zij werd helemaal niet gepest, maar een ander meisje. Niemand had dat in de gaten behalve de pester en het gepeste meisje, maar zij zag het en voelde zich er naar over. Maar ze vond het te eng om er zelf iets van te zeggen. Of ik dat namens haar zou willen doen? Dat deed ik. 



Ik vraag me regelmatig af hoe het nu met haar gaat, maar maak me er tegelijkertijd weinig zorgen om. Dat veulen van toen is vast goed op haar poten terecht gekomen. Pardon: benen.

donderdag 4 januari 2018

Kerstvakantieberichten IV

Het gebeurt nog wel eens dat beroemde mensen (cabaretiers, schrijvers) ooit begonnen als docenten. Een daarvan is Peter Heerschop.

Tijdens het Denk Groter Debat hield hij in 2014 voor studenten van Fonty's pabo's een warm pleidooi voor het leraarschap.



Met dit filmpje sluit ik mijn kerstvakantieberichten af. Vanaf aanstaande maandag weer langere blogjes. Hebben jullie ze gemist?

donderdag 7 december 2017

Wichtelen

Het is 1 december geweest en sinterklaas is gevierd en achter de rug. Dat betekent dat de adventtijd is begonnen. Buiten het vieren van advent en het aanpassen van mijn lessen aan de tijd van het jaar, betekent het ook dat wij als docenten onderling weer wichtelen.

Wichtelen is een van oorsprong Duitse (Vrijeschool?) traditie. Het betekent dat je in de weken voor kerst een van je collega's (onderwijzend en oop = onderwijsondersteunend personeel) als het ware 'adopteert'. Je wordt iemands' wichtelouder, de ander tijdelijk jouw wichtelkind. In de praktijk betekent het dat je even wat extra aandacht aan de desbetreffende collega geeft. Deze persoon een beetje onder je hoede neemt.

Je kunt bijvoorbeeld zijn of haar lokaal (of kantoor) op een onopvallend moment goed schoonmaken, iets vriendelijks op het bord schrijven, een kaars op zijn of haar bureau verstoppen voor wat extra licht in donkere tijden of een kop thee klaarzetten op een onverwacht moment.

Geheim
Dat onopvallende en onverwachte is een sleutelelement in deze. Het is namelijk de bedoeling dat de ander niet in de gaten heeft wie zijn of haar wichtelouder is. Je mag genieten van de extra aandacht of attenties die je krijgt, zonder dat je weet aan wie je het te danken hebt. Onbaatzuchtige acties dus. Past perfect bij de tijd van het jaar qua gedachte, maar ook qua gebaar. Want de weken voor de kerstvakantie zijn notoir zwaar voor mensen in het onderwijs. De herfstvakantie is lang geleden, je maakt vaak extra lange dagen, er moet veel gebeuren en de meeste collega's zitten er rond deze tijd een beetje doorheen. Hoe heerlijk is het dan om gewichteld te worden... En net zo fijn om zelf te wichtelen! Te weten dat je heimelijk een glimlach op iemands gezicht gaat toveren geeft de wichtelouder zelf ook een prettig, ja bijna vredig gevoel.

Ik ben fan
Het mag duidelijk zijn dat ik dol ben op wichtelen. Het enige puntje is dat het wel goed uitgevoerd moet worden. In een school die steeds groter wordt kennen collega's elkaar steeds minder goed en wordt het dus moeilijker om te bedenken wat een ander leuk zou kunnen vinden. Bovendien geven we in drie gebouwen les, en als jij meestal in gebouw B werkt, en jouw wichtelkind in C, dan is het soms een opgave in drukke tijden om de tijd te vinden om bij dat andere gebouw langs te gaan. Het wordt dan ook een traditie om elkaar een klein cadeautje te geven rond de laatste dagen voor kerst. Deze wordt dan in de docentenkamer neergezet. Dat gebeurde bij mijn eerste jaar op deze school. Ik had drie weken lang cadeautjes en briefjes verstopt bij mijn wichtelkind, en zelf kreeg ik op de laatste dag voor de vakantie ineens een pakketje met allemaal cadeautjes.

Genieten en vergeten
Het jaar daarop was het volop genieten. Ineens lag er een prachtig, met zorg ingepakt cadeautje voor me klaar, elke maandag. Ik pakte de cadeautjes, of soms een kaartje, niet uit, maar liet het de hele dag liggen om even van te genieten. Wat zag het er mooi uit, en wat vond ik het lief! Het jaar daarna, vorig jaar was er een lotingsysteem waarbij soms weleens iets misliep, en ik kreeg helemaal niets. Ik miste de aandacht van een wichtelouder, maar had zelf gewoon plezier in het vertroetelen van mijn wichtelkind.



Wat dit jaar mij gaat brengen? Ik ben benieuwd. Maar eigenlijk vind ik dat meer instellingen wichtelen zouden mogen invoeren. Voor iedereen die het ook leuk vind om stiekem wat extra aandacht aan elkaar te geven. Wie doet er mee?

maandag 4 december 2017

Saint Nicholas: Sinterklaas tijdens de Engelse les

Naar aanleiding van een verzoek van een trouwe lezer vandaag - zoals eerder beloofd- een stukje over wat ik tijdens de Engelse les doe om Sinterklaas te vieren. 

Tijdens mijn sinterklaasles noem ik het woord sinterklaas zeker niet. Nee, ik leg uit dat we deze hele les bezig gaan met het uitbreiden en ontwikkelen van hun woordenschat. Dit is namelijk heel belangrijk. (En dat is ook zo, maar in deze les gebruik ik het als vermomming voor iets anders. Laten we het een didactische surprise noemen).

Ik begin met het woord 'nice' op het bord te schrijven en leg uit dat zelfs in hun examenjaar veel leerlingen tijdens hun mondelinge examen of bij het schrijven van een brief niet verder komen dan het woord nice, als vertaling van het woord leuk, om iets te beschrijven dat ze plezierig of fijn vonden. Even een hogerejaars leerling nadoen (met vet aardappelEngels accent, denk Ruud Lubbers die Engels spreekt) helpt de sfeer verhogen en doet de leerlingen inzien dat dit misschien niet de manier is. Samen maken we rondom het woord nice een woordspin met zoveel mogelijk Engelse bijvoeglijke naamwoorden die iets positiefs verwoorden. (denk: amazing, wonderful, awesome etc.) Dan gaan we klassikaal bijwoorden bedenken om de bijvoeglijke naamwoorden te versterken (really awesome bijvoorbeeld, of very wonderful of extremely amazing). Ik voeg aan het pipo-positivo woordenballet op het bord nog een paar complimenteuze Engelse uitdrukkingen toe en laat deze door de klas herhalen, denk hierbij aan iets als: (you are) the cat's whisters, (he is) the bee's knees of (she is) the cat's meow. 

Dan deel ik briefjes uit en laat ik elke leerling een zo uitgebreid mogelijk compliment opschrijven. Iets met zoveel mogelijk bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden, waarbij de opdracht is: wat voor compliment zou jijzelf graag willen krijgen? De leerlingen leveren de (anonieme) complimenten vervolgens bij mij in en ik lees ze allemaal even snel. Staat er iets onbehoorlijk in (wat gelukkig zelden zo is) dan moeten ze het overdoen. Iets onaardigs of schunnigs wordt niet getolereerd! Soms voeg ik zelf ook nog een paar toe. Ik stop alle dichtgevouwde briefjes in een zakje, zonder dat de leerlingen dat zien en zoek een pagina op internet op. Tijd om de surprise uit te pakken!

Want wat volgt nu? Een Engelse tekst op de muziek van het bekende liedje 'Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht.' Ik kondig aan dat we dit met z'n allen gaan zingen, want het is ten slotte (bijna) 5 december. Ondanks bedenkelijke blikken in het begin zingt de hele klas vrolijk mee met de tekst. En ik zelf natuurlijk ook. Leuk man!

Ik leg dan uit dat het oude principe nog steeds geldt: liedje zingen = cadeautje krijgen. Iedereen krijgt vandaag van Sinterklaas een compliment cadeau. Het zakje waar ik alle briefjes in deed is stiekem gewoon een jute (mini sinterklaas)zakje en hiermee ga ik langs alle leerlingen. Met in mijn andere hand een schaal met kruidnootjes en choconootjes, want zonder iets lekkers is het nog niet echt sinterklaas. Zo krijgt iedereen van een willekeurige klasgenoot een gemeend compliment en een paar kruidnootjes op de koop toe. Is dit uitgedeeld is de les voorbij en verlaat iedereen met een vrolijk gemoed de les: ze hebben iets gegeven, plezier gehad en iets gekregen. Precies waar Sinterklaas om draait volgens mij.

En ik? Ik verlaat aan het einde van een dag met zulke lessen met een blij rood hoofd de school: even heb ik Sinterklaas mogen zijn. :-) 

Volgend jaar weer!!

maandag 20 november 2017

Saint Nicholas: Sinterklaas bij Engels?!?

Nu Sinterklaas weer in het land is is de tijd gekomen om het verzoek van een lezer in te willigen. Er werd mij namelijk eerder dit jaar via Juf Jolanda Blogt op Facebook gevraagd of ik ik ook eens iets zou kunnen schrijven over Sinterklaas.

Nu lijkt het misschien of onze Goedheiligman niets te zoeken heeft in de Engelse les, maar vergeet dat maar mooi! Zowel de Engelse Father Christmas als de Nederlandse Sinterklaas zijn namelijk verschijningen van Saint Nicholas a.k.a. Sint Nicolaas. En nee, niet beginnen over die verdraaide Santa Claus, de obese Amerikaanse uitvinding van Coca Cola die potverdulleme alle traditionele kerstfiguren in de hele wereld overschaduwd, met zijn drankneus en vette pens. Ja, ook die santa claus is natuurlijk een verbastering van saint nicholas/ sinterklaas, maar alleen daaruit blijkt al dat deze een na-apende opvolger is, een relatief moderne uitvinding.

Zowel Sinterklaas als Father Christmas waren er al vele eeuwen eerder dan he-who-shall-remain-nameless. Father Christmas wordt voor het eerst onder deze naam beschreven in 17e eeuws Engeland maar daarvoor al sinds de 15e eeuw. En daarvoor al veel langer in mondelinge overlevering. Datzelfde geldt ook voor onze goedheiligman.

Iets anders dat ze gemeen hebben is dat er nieuw leven in hun verhaal werd geblazen in de 19e eeuw. De Victorianen in Engeland voelden eenzelfde soort heimwee naar traditionele volksverhalen. Zo werd Father Christmas afgestoft en was hij voortaan prominent aanwezig in december. In tegenstelling tot onze sinterklaas wel aan het einde van deze maand en niet gekleed in een semi-roomskatholiek toilet  (Engeland heeft sinds Henry de achtste van zijn vrouw af wilde een eufemistisch gezegd ' ingewikkelde' verstandhouding met het katholicisme). Father Christmas was niet eens in het rood gekleed trouwens. En ook lang niet altijd in de verschijning van een oude man.


Victorian Father Christmas Santa Claus #1 Antique Card ...
Bron: Ebay.com, antieke ansichtkaart van father Christmas in Victoriaans Engeland


Zoals je hier ziet is er van overgewicht weinig te zien en is Father Christmas goed gekleed tegen de kou. Voor de mensen die bekend zijn met A Christmas Carol van Charles Dickens, kan zich misschien de tweede geest: de spirit of Christmas present voor de geest halen. Dit is een figuur die ook als Father Christmas gezien kan worden.

Er zijn natuurlijk ook heel veel verschillen tussen Sinterklaas en Father Christmas. Sinterklaas is en blijft een figuur van onze vaderlandse folklore, waar Father Christmas vooral de personificatie van Kerstmis, ontstaan uit Angelsaksische folklore is. Maar het feit dat beide overschaduwd worden door hun commerciële neef uit de nieuwe wereld is genoeg reden voor een beetje solidariteit. Waarbij aangetekend moet worden dat Father Christmas de strijd eigenlijk al verloren heeft; niet alleen is zijn verschijning identiek geworden aan die van je-weet-wel maar in het moderne taal- en beeldgebruik zijn Father Christmas en Santa Claus inmiddels identiek en inwisselbaar geworden. Beetje triest vind ik persoonlijk, en ik hoop dat onze goedheiligman dat lot bespaard blijft. 

Wat de verschillen en overeenkomsten ook zijn, ik ben misschien een (redelijk fanatieke) anglofiel maar ook gewoon Nederlands en ik hou van onze Sinterklaas. Een prachtig feest dat voor mij gaat om saamhorigheid, gezelligheid en geven. Allemaal zaken die ook prima passen binnen mijn lessen. Dus heb ik ons Nederlandse feest gewoon verweven in mijn inmiddels traditionele Engelse Sinterklaasles. Hoe die er uit ziet? Dat vertel ik de dag voor het heerlijk avondje! Nog even geduld. En gewoon je schoen zetten in de tussentijd. 

maandag 9 oktober 2017

Narigheid

Een school is net de echte wereld. Alles wat je tegenkomt in het normale leven, zie je ook op school. Er worden vriendschappen gesloten (en soms verbroken), liefdes ontstaan en eindigen er, er zijn collega’s die kinderen krijgen en soms komen er ook mensen te overlijden.  
Een school is een gemeenschap en hoewel je het liever niet wilt gebeurt in elke gemeenschap ook narigheid. Er zijn collega’s die ziek worden en in het ergste geval overlijden, maar soms ook worden leerlingen zelf ziek.

Ik heb op mijn huidige school gezien hoe mooi er om kan worden gegaan met de ziekte en uiteindelijk ook het heengaan van een leerling. De school heeft zelfs in een geval gediend als plek voor het afscheid, omdat de betrokken leerling zich zo thuis voelde hier en graag op school de afscheidsplechtigheid wilde. Dat de school hierin toestemde vind ik heel bijzonder, en heel waardevol. Als dank aan de school en ter herinnering aan zo’n bijzondere leerling staat er nog steeds een boom in de binnentuin van de school. Ook een herinnering aan de kwetsbaarheid van de mens, die zoveel kan, zoveel weet maar toch sommige dingen, sommige ziektes niet kan stoppen. Of kan voorkomen dat er stomme ongelukken gebeuren.

Ik heb in mijn carrière tweemaal meegemaakt dat een ouder van een mentorleerling kwam te overlijden. Iets verdrietigers kun je je niet voorstellen. Ik vind het lastig om met zulke intense trieste zaken te maken te hebben, word er emotioneel van terwijl ik er juist wil zijn voor de leerling. Dat is ook weer een balans die gevonden moet worden. Hierbij vertrouw ik maar gewoon op mijn ervaring, gewoon menselijk gevoel en luister ik naar de wensen van de nabestaanden.
Ik heb meegemaakt dat de achtergeblevenen zo van slag waren dat ze niet wilden dat er op school aandacht aan besteedt werd, of dat er mensen op de uitvaartplechtigheid kwamen. Dat werd privé gehouden. We hebben wel een kaart gestuurd met de klas en daarin kon elke leerling een briefje doen met een eigen wens of condoleance. Ik had graag meer willen doen toen, maar zij wilden dat niet en dat kun je niet anders dan respecteren.

Er zijn ook momenten geweest waarbij we als school om mensen heen konden staan. Leerlingen en collega’s die samen naar de uitvaart van een (ouder van een) leerling gingen, een herdenkingstafel die in school neer wordt gezet. Manieren om de achtergeblevenen te laten weten dat er ook op hun school mensen zijn die meeleven, aan hen denken en er voor hen zijn.


Dit soort zaken zijn nooit makkelijk en ik vind het zo intens naar als jonge mensen op jonge leeftijd met verlies te maken krijgen, op wat voor manier ook. Maar zoals het cliché zegt: ook dat hoort bij het leven. Ik denk dat het waardevol is als een mensen op een school niet alleen vreugde en fijne dingen met elkaar kunnen delen, maar er ook kunnen zijn voor elkaar in tijden van verdriet en verlies. Zo is de school echt een wereld op zich.

maandag 2 oktober 2017

Handen geven

Op de reguliere school waar ik heb gewerkt heb ik behoorlijk geworsteld met voor de klas staan. Het eerste jaar dat ik daar werkte was gewoon niet leuk. Er werden dingen van mij verwacht waar ik niet goed in was en ik had heel veel moeite met de omschakeling van een juf in een onderwijsvernieuwende school naar een traditionele docent.
Orde 

Aan het einde van dat eerste jaar, toen duidelijk werd dat ik nog een jaar mocht blijven en men mij eigenlijk wel zelfs een vast contract zou willen aanbieden, wilde ik hier iets aan doen. Ik moest steviger voor de klas staan, ik moest mezelf opnieuw gaan opleiden op het gebied van orde. Van een collega kreeg ik het boek 'Orde in de klas' van Rene Kneyber te leen en in de zomervakantie besteedde ik een groot deel van mijn vrije tijd aan het bestuderen van dit boek.
Gewapend met een map vol aantekeningen, nauwkeurige lesvoorbereidingen en handige standaardstrafwerkformulieren stapte ik in augustus weer de school binnen. Ik hield me aan mijn eigen regels, was consequent en het ging dat jaar, eigenlijk vanaf het begin, direct een stuk beter qua orde houden. Maar wat mij betreft is een deel van de winst van de tijdsinvestering in die zomer ook dat ik ging nadenken over wat voor mij belangrijk is bij het lesgeven.

Handen geven

Een van de beslissingen die ik toen nam was om voor elke les de leerlingen een hand te geven. In het begin keken leerlingen en andere collega's hier raar van op, maar ik wilde dat momentje om voor de les iedereen even in de ogen te kijken. Voordat de les echt begon, wilde ik al contact hebben gehad met mijn leerlingen. Van alle dingen die ik dat jaar deed, werkte dit het beste. Aan het einde van dat jaar, toen ik al aangenomen was bij de school waar ik nu werk, werd het handen geven in de centrale vergadering genoemd. Men zag dat het een fijn begin van de les was, en het contact met leerlingen beter ging bij mij, en er waren diverse collega's die in het komende jaar ook wilden beginnen met het begroeten met een handdruk.

Great minds think alike
Hoe grappig was het dan ook, toen ik op mijn huidige school een eerste proefles kwam geven, dat ik aan de begeleidende docent vertelde dat ik gewend was om de leerlingen een handdruk te geven bij het binnengaan in de klas. Het bleek namelijk dat dat iets is dat bij het Vrijeschoolonderwijs hoort. En niet alleen bij binnenkomst, maar ook bij het verlaten van de les. Dat was nieuw voor mij, maar ben ik in de ruim drie jaar dat ik op deze school werk nog wel meer gaan waarderen.

Bij het begroeten maakt een hand geven dat je direct al even contact hebt. Je ziet de leerling met het nieuwe kapsel, een leuk nieuw jasje, wallen onder de ogen, rode oogjes, een stiekeme zak chips nog in de handen en kunt hier meteen iets mee. Bij het verlaten zorgt het ervoor dat je de les even echt kunt afsluiten. Je hebt kans voor een heel snelle mini-evaluatie. Iets langer hand vasthouden en een compliment geven: 'Ik heb jou de hele les niet gehoord, volgens mij ben je keihard aan het werk geweest, klopt dat?' of juist 'Volgende keer wil ik dat jullie even een andere plaats uitkiezen, want ik vond zo naast elkaar vandaag geen goede combinatie. Jullie wel?'


Het maakt dat het contact wezenlijker is en dat komt mijn onderwijs ten goede.

donderdag 28 september 2017

Pesten

Ergens hier op dit blog heb ik er al eens vaker over verteld: ik ben vroeger gepest. Niet iedereen in mijn omgeving had dat in de gaten, omdat ik een kind was dat veel binnen hield, geremd was en doordat ik me constant onveilig voelde niets durfde te laten merken. Ook ben ik ervan overtuigd dat de kinderen die mij pestten niet in de gaten hadden wat voor effect dit op mij had.
Veerkrachtig

Het heeft mij jarenlang onzeker gemaakt. Dat ik uiteindelijk goed ben hersteld heeft veel te maken met mijn veerkracht. Ik denk dat veerkracht namelijk een heel belangrijke voorwaarde is voor het omgaan met narigheid zoals pesten. Het is een eigenschap die niet iedereen in dezelfde mate heeft. Zo kan het dat er mensen zijn die positief in het leven  staan, zelfs na jaren van vernedering en ellende, terwijl andere mensen veel last kunnen hebben van een onschuldig bedoeld stoeipartijtje. Dat zijn mensen die  lang gebukt kunnen gaan onder een paar vervelende opmerkingen waar anderen hun schouders over ophalen. Betekent dit dat die gekwetste mensen aanstellers zijn? Uiteraard niet. Het gaat immers om iemand's beleving.

Valkuil

Dat laatste maakt ook dat het onderkennen van wat nu echt pesten is, lastig is. Het kan onder pubers normaal zijn om te stoeien en elkaar te plagen. Als leerlingen zich in de groep veilig en gewaardeerd voelen dan is dat geen probleem, maar voor leerlingen die zo'n veilige basis missen kan het wel vervelend zijn. Ik probeer dit als mentor, maar ook gewoon bij het lesgeven aan een niet-mentor klas bespreekbaar te maken. 'Ik zie dat dit en dit gebeurt. Dat kan als grapje bedoeld zijn, maar iemand kan het ook vervelend vinden. Op welke manier checken jullie hoe mensen zoiets ervaren?' Juist vanwege mijn verleden weet ik hoe fijn het kan zijn als iemand voor jou opkomt en oog heeft voor wat er gebeurt. Maar ik ben me tegelijkertijd ook bewust van valkuilen. Ik ben gevoelig voor uitsluiting en pesterijen, maar dit kan er ook voor zorgen dat ik iets wat onschuldig is te ernstig opvat. Ik probeer hier op te letten, maar ik vind dat als ik twijfel heb over hoe kinderen elkaar behandelen, ik daar iets mee moet. Uitspreken wat ik zie, soms een beetje humor erbij en als ik vind dat het over de schreef ga, aanpakken.


Meidenvenijn

Tijdens mijn eerste jaar als mentor ben ik een overduidelijk geval van pesten tegen gekomen. Hier heb ik direct alle registers open getrokken: pestprotocol, een interventie met de pestspecialist van de school: the works. Volgens mij hebben we toen kunnen voorkomen dat het nog erger werd. Zeker weten doe ik het niet (ik werk nu op een andere school), maar ik hoop het wel. Meidenvenijn, er worden tegenwoordig seminars over gegeven (hoe het werkt en hoe te voorkomen en mee om te gaan) en het kan heel heftig zijn. Toen ik gepest werd waren er nog geen mobieltjes. Gelukkig maar, want ik weet niet hoe veerkrachtig ik was geweest als een groep meisjes mij telefonisch had medegedeeld dat ik wel dood mocht, en niemand mij mocht. Dat zijn berichten die te makkelijk worden ingetypt en die een enorme impact kunnen hebben op een dertienjarig meisje, die zich toch al onzeker voelt. Door dit meteen serieus te nemen hebben we toen als school in elk geval een signaal afgegeven. Hoe je iets ook bedoelt, als iemand zich gepest voelt is dat niet acceptabel.

donderdag 21 september 2017

Blij ei

Een deel van de antroposofische onderwijsvisie houdt in de docent enorm belangrijk is. Hij of zij dient positief en enthousiast te zijn, voor het vak en ten opzichte van de leerlingen. Bovendien wordt er verwacht dat je kunstzinnig en creatief lesgeeft.
Mij kost dit over het algemeen weinig moeite. Ik vind het namelijk echt leuk om les te geven en ben oprecht enthousiast over wat ik doe. Heerlijk, dat reciteren, luisteren naar mooie liedjes, in gesprek gaan met de klas, verhalen vertellen. Ik ben kunstzinnig en creatief, de lessen die ik ontwikkel zijn dat ook zoveel mogelijk en als je het leuk vind wat je doet is het niet moeilijk om enthousiast te zijn.

Fijne combi

Ik vind Engels een prachtige taal en geschiedenis (laten mijn lerarenopleiders het niet horen) zo mogelijk een nog mooier vak. Daarnaast vind ik het erg leuk om verhalen te vertellen. Ik ben op mijn blijst als ik een periode Renaissance kan geven en naast een stuk kunstgeschiedenis ook kan vertellen over de Engelse renaissance; Henry VIII en al zijn vrouwen, Elizabeth I, Shakespeare, sir Francis Drake. Of over de Industriële Revolutie; enclosure, opkomst van de industrie, uitvindingen, sociale kwestie met een staartje Victoriaanse tijd en Dickens. En geschiedenis en Engels en mooie verhalen om te vertellen, mijn persoonlijke lesgeefhemel!

Te vrolijk

Voordat dit een al te vrolijk stukje wordt; ik ben natuurlijk slechts een mens. Een mens bovendien met Pms, kinderen die de neiging hebben om zo af en toe ziek te zijn, slechte nachten en andere zaken die mij uit mijn blij-ei-modus halen. Als er dingen aan de hand zijn die groter zijn dan een alledaagse irritatie of slecht humeur, er echt iets aan de hand is, dan speel ik meestal open kaart met mijn klassen. Als er iemand in je omgeving erg ziek is of zelfs komt te overlijden dan kun je er even niet optimaal zijn en leerlingen mogen dit best weten.

Ziek

Ook heb ik regelmatig te maken met ziekte; mijn zwakke plek is voorhoofdholte-ontsteking en dat duurt zo vier weken. Als het te erg wordt, blijf ik uiteraard thuis, maar dat kan niet altijd. In die gevallen dat ik op school ben maar het eigenlijk net wel/ net niet kan, leg ik het ook uit aan mijn klassen. 'Ik ben er wel, maar voel me behoorlijk naar, wazig en duizelig. Het zou heel fijn zijn als jullie vandaag even extra lief voor me zijn.' Het fijne is: negen van de tien klassen zijn dat dan ook. Net mensen, die pubers.

Heppie de peppie

Als het iets minder groots is, maar ik me om de een of andere reden (hormonen hebben hier vaak mee te maken) niet echt heppie de peppie voel dan bluf ik me er meestal doorheen. Ik doe dan net of ik wel vrolijk ben. En het rare is: dat werkt dus echt. Niet bij echt groot verdriet en narigheid, maar bij huis-tuin-en keuken chagrijn wel. Hoe je dat doet? Jezelf vrolijk bluffen? Ik zet een grote glimlach op. Dat kan gekunsteld of krampachtig aanvoelen, maar ik doe het wel. Met die grote glimlach richt ik me bij de deur op de leerlingen die binnenkomen, schud hen de hand en laat hen weten dat ze welkom zijn. Ik doe mijn best hen vrolijk de klas binnen te laten, deel even een extra complimentje uit en maak bewust, met aandacht contact met de kinderen die binnen komen.

Wat er dan -vaak- gebeurt is bijzonder. Althans, dat vind ik. Leerlingen vinden het altijd fijn om positief benaderd te worden en reageren leuk. Er ontstaat een goede energie en met die energie start ik de les. Vaak treedt dan (bij ziekte of hoofdpijn) adrenaline in werking en negen van de tien keer eindig ik met meer energie de les dan ik eigenlijk in het begin voelde. En wat nog fijner is: de vrolijkheid waarmee ik dan weer afscheid van de klas neem is niet geveinsd.



Zo gebeurt het regelmatig dat ik met een grote glimlach de school uitstap, terwijl ik een paar uur daarvoor nog met een chagrijnige kop binnen stapte. Lukt niet altijd, maar die keren dat het wel zo gaat is winst. Voor alle partijen.

maandag 21 augustus 2017

Zomervakantieberichten IX



Een van de dingen die ik fijn vind aan de school waar ik nu werk is dat er zoveel wordt gedaan aan poëzie. 

Toen ik voor het eerst op school was, voor mijn sollicitatiegesprek vielen mij twee zaken op. Ten eerste de sfeer op school. Ten tweede het gedicht dat hing op het raam van het hokje van de conciërge. 

Dat gedicht wilde ik vandaag graag delen. Lees en geniet. 




Kijk eens naar mij, ik doe mee

met de zon en de wind


laat me drijven in haar schoot


tot ik haar dwarrelend


ontglip naar een veilige plaats


zoek een tak die


wiegend wacht op mij speciaal


donderdag 17 augustus 2017

Zomervakantieberichten VIII

Op dit blog blijft het nog even rustig, al ben ik op de achtergrond allang weer een beetje bezig met school. Relaxt, niet teveel en met veel ijsjes in de buurt, maar er gebeurt alweer van alles.

Hier laat ik het voor vandaag bij een kleine herhaling. Eerder dit jaar vertelde ik al eens over een film die gemaakt is over waarom mensen kiezen voor vrijeschoolonderwijs. Die gooi ik vandaag nog eens op het net. Omdat 'ie het waard is om te bekijken, en omdat de film ook uitlegt wat ik fijn vind aan deze vorm van onderwijs.

Bij deze dus.



donderdag 27 juli 2017

Zomervakantieberichten II

Soms komt inspiratie uit onverwachte hoek. Zo ontving ik ooit op een van de scholen waar ik werkte bij een bij- of nacholingcursus het volgende gedicht. Ik heb het altijd bewaard en lees het af toe nog eens terug om mij eraan te herinneren dat ik slechts een leraar ben, iemand die vertrouwt en liefheeft, maar die nooit claimt de wijsheid in pacht te hebben. Sterker nog: ik leer elke dag van mijn leerlingen.

Kahlil Gibran schreef:

Geen mens kan je openbaren dan wat reeds
half slapend in de dageraad van je kennis ligt.
De leraar die in de schaduw van de tempel wandelt,
te midden zijner leerlingen,
geeft niet van zijn wijsheid,
maar veeleer van zijn geloof en zijn liefde.

Zo hij inderdaad wijs is,
nodigt hij je niet uit het huis
van zijn wijsheid binnen te treden,


maar leidt je naar de drempel van je eigen geest.

maandag 24 juli 2017

Zomervakantieberichten I

Vandaag is dan echt de zomervakantie begonnen, voor ons hele gezin. Dit betekent voor dit blog dat ik het me de komende paar weken iets makkelijker ga maken. 

Vakantie vs werken
Ik ga de zomervakantie vullen met zoveel mogelijk leuke dingen, en zoals dat gaat zal ik ook het een en ander aan werk doen: voorbereiden, plannen, kopiëren, nieuwe projecten bedenken, al mijn bijlessen voor het komende jaar startklaar hebben. Ook dat hoort erbij als je in het onderwijs werkt; vrij is zeer zelden echt vrij. Maar ik bewaak mijn grenzen heel sterk, en de balans moet vooral doorslaan naar ontspannen en de zinnen verzetten.

Limiteren
Ik limiteer mijn werk dan ook tot een paar dagen van die hele zalige zeven  oh nee, das war einmal zes vrije vakantieweken. Vijf hooguit, 1 werkweek. Krijg ik alles af wat ik graag af zou willen dan is dat mooi, zo niet, dan niet. Volgend jaar weer een kans. 

Hoofd vrij maken
Om mijn hoofd echt even leeg te krijgen (met een hoofd als het mijne errug lastig…) zal ik tijdelijk wat minder tijd aan dit blog besteden. Ik heb berichten vooruit gepland met mooie plaatjes, filmpjes en uitspraken over onderwijs en vrije tijd, zodat ik me kan richten op andere dingen.

Kamperen
Kamperen op een heel leuke gloedjenieuwe camping in Emmen, bijvoorbeeld. Smoothies en smoothie ijsjes maken is ook een goede kandidaat. Lekker op bezoek bij mijn familie in het mooiste stadje van Nederland (die Friese, met die waterpoort, weet je wel), lezen tot laat in de avond, spelletjes doen met mijn meisjes, uit eten gaan met mijn lief, luieren, knutselen, koken, afspreken met goede vrienden, borrelen, barbecuen, brunchen, picknicken in het bos, naar het strand, wandelen, nadenken (maar niet teveel), dromen (zoveel mogelijk), nou ja… Genieten dus. 

Doen jullie mee?

donderdag 13 juli 2017

Jezelf zijn voor de klas

Leerlingen prikken er zo doorheen als een docent een rol speelt voor de klas. Toch is het niet altijd makkelijk om helemaal jezelf te zijn als je les geeft.

Masker
Toen ik begon aan mijn eerste baan in het onderwijs zat ik elke ochtend misselijk van spanning in de bus. Ik vond het doodeng om als echte docent voor een klas te staan, en was erg onzeker. Die misselijkheid en het gevoel van spanning was na een paar weken wel voorbij, de onzekerheid duurde langer. Wat mij in die eerste tijd hielp was het dragen van make up. Elke ochtend bracht ik in de vorm van mascara, poeder, glitter en oogschaduw een masker op dat me zekerder deed voelen.

Delen
Tegelijkertijd durfde ik op andere gebieden mezelf wel te laten zien. Ik had veel persoonlijke gesprekken met leerlingen, waarbij alle partijen dingen vertelden over zichzelf. Toen ik voor het eerst een afspraakje had met de man die mijn grote liefde zou blijken te zijn, deelde ik dat ook met een aantal leerlingen, in een gesprek na afloop van de les, waarin we het hadden over leuke plannen voor het weekend. Heel gewoon, geen probleem.

Afleren
Dit is iets wat ik altijd heb gedaan in mijn lessen; af en toe ook mezelf als mens laten zien aan mijn leerlingen. Toch is het blijkbaar ook iets dat je kunt afleren. Tijdens de twee jaar waarin ik les gaf aan een reguliere middelbare school moest ik veel zaken ineens anders aanpakken dan ik gewend had. Ik had les gegeven op een Montessorischool en een onderwijsvernieuwende school, waarin ik te maken had gehad met leerlingen met een grote mate van zelfstandigheid. Ik kon mezelf zijn en hen begeleiden in wat er moest gebeuren. Hoe anders was dit op de 'gewone' middelbare school! Ik moest leerlingen hierin veel meer vanaf een afstand (mevrouw in plaats van Jolanda) gaan vertellen wat ze moesten doen. Niet alleen was het autoritaire stukje iets wat niet goed bij mij paste, maar ook kon ik veel minder mezelf laten zien. Ik moest letterlijk een rol spelen. Die van de strenge en consequente lerares. Ik heb onwijs mijn best gedaan en kreeg het uiteindelijk ook steeds meer in de vingers, maar ik had steeds minder plezier in wat ik deed. Hierdoor leerde ik ook af om mezelf te zijn, en persoonlijke dingen te delen met mijn leerlingen. Iets wat ik pas besefte toen ik daar op mijn huidige school door een collega die op lesbezoek was geweest, op werd gewezen.

Wennen
Ik vond dit maar raar, want dat was nu juist een van mijn sterke punten altijd geweest, maar ik besefte ook dat ze gelijk had, ik moest echt weer even wennen aan een ander soort docentenrol. Ik ben er daarna bewust meer mee gaan doen, af en toe iets persoonlijks zeggen. Als er iets leuks gebeurd is, of ik juist met iets naars zit, vertel ik daar vaak even kort iets over in de klas. Gewoon om leerlingen te laten weten waarom ik misschien wat vrolijker ben dan normaal, of een beetje meer afgeleid.



Binnen het vrijeschoolonderwijs wordt dit aangemoedigd. Een aspect van het onderwijs is namelijk dat je als leraar met je hele wezen voor de klas staat. Je moet dus ook persoonlijke zaken met je leerlingen kunnen delen. Voor mij voelt het beter om als volledig en gelijkwaardig mens voor de klas te staan, en niet als een orde-bewarende-docent-spelende vrouw. Ik denk dat het mijn kracht is om zonder autoritair te doen, zonder me anders voor te doen en mij regelmatig kwetsbaar op te stellen mijn klassen te leiden. Niet autoritair, maar wel met autoriteit. 

maandag 10 juli 2017

Bijzondere leerlingen II


Het was natuurlijk wel een ambitieus plan dat ik in mei had. 'Even' een stukje van niet meer dan 500 woorden wijden aan een paar van de leerlingen die mij altijd bij zijn gebleven. Want er zijn er zoveel. Dus hoe dit aan te pakken? Nou door dat ene stukje uit te breiden naar twee. Of misschien wel drie. Dat in elk geval. En door streng te zijn. Gewoon keuzes te maken.

Boos
Er zijn een aantal leerlingen die ik me nog steeds herinner door een bepaald sprankje levenslust die uit hun ogen straalde. Of die opmerkingen konden maken waaruit bleek dat ze een eigen kijk op de wereld hadden, eigenwijs misschien, maar vooral eigen. Daar hou ik van, en het valt op. 

Maar een leerling kan ook opvallen in negatieve zin. Zo was er een leerling die zo'n moeite had met autoriteit dat hij het voor elkaar kreeg ruzie met mij te krijgen. Dan moet je je best doen, hoor, om dat voor elkaar te krijgen! Maar hem lukte het. Hij weigerde bot om iets te doen wat ik als volstrekt normaal beschouwde. Boeken pakken, gaan zitten, een opdrachtje maken, niet door me heen praten, zoiets. Geen onredelijk verzoek, maar hij schoot in het rood. Ik kon het bekijken. Normaal blijf ik dan rustig, maak  een grapje, of leg de consequenties uit, maar zijn botheid triggerde iets bij mij. Ik werd overspoeld door een golf van plotsopkomende en hevige woede. Ik zei hem even direct als hij deed dat ik het alsnog verwachtte en anders kon hij wieberen. Nou, hij wieberde liever. Met kracht pakte hij zijn boeken, en met een verwensing waar de woorden 'zooi' en daaraan voorafgaand een nare ziekte in voor kwamen, smeet hij de deur met een klap dicht. Ik bleef nog natrillend van boosheid achter. 

De klas keek verwonderd en licht onder de indruk toe. Ja, dat hij eruit gestuurd werd, dat hadden ze al veel eerder meegemaakt, maar dat Jolanda zo boos was geworden dat ze er iemand uitstuurde...wow! Het grappigste aan dit verhaal is dat ik het goed heb kunnen uitpraten en de beste jongen (die gewoon erg puberde en een groot maar onzeker hart bleek te hebben) en ik konden het de rest van het jaar prima met elkaar vinden.

Stille Willie
Dan was er het muizige meisje dat uiterlijk niet veel durfde te laten zien van wat er innerlijk speelde. Ze zat bij mij in de klas en we kletsten af en toe eens over oppervlakkige zaken, maar nooit ging het over persoonlijke dingen. Toen bleek dat zij gepest werd door een aantal meisjes in haar klas. Het pestprotocol werd in gang gezet, maar ze wilde geen grote gesprekken in de klas, bang dat ze was dat het erger zou worden. Ze wilde alleen praten, over dingen die haar dwars zaten, en ze wilde tips hoe ze het beste met die pestkoppen om zou kunnen gaan. 

Via haar mentor vroeg ze of ik dat misschien wilde. En natuurlijk wilde ik dat. We spraken elke week af en keken dan hoe het met haar ging. Zo kwam ik erachter wat voor lief en sterk mens er in dat stille meisje schuilde. Intelligent ook. Ik weet niet of mijn tips of luisterend oor haar echt geholpen hebben, maar ik weet wel dat ik het nog steeds bijzonder vind dat zo'n uniek en mooi mens mij uitkoos om mee te praten.

Dat zijn voor mij de mooiste dingen aan het onderwijs. Het mogen meemaken van al die prachtige jonge mensen. Genoeg stof voor minstens nog een paar stukjes op dit blog!