Posts tonen met het label Engelse les. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Engelse les. Alle posts tonen

donderdag 29 november 2018

Rerun: Saint Nicholas, sinterklaas vieren in de Engelse les


In de rerun vandaag een bericht waar ik vorig jaar veel positieve reacties op kreeg. Niet zo raar misschien, want ik word er zelf ook blij van; een van mijn favoriete lessen van het jaar. 


Naar aanleiding van een verzoek van een trouwe lezer vandaag - zoals eerder beloofd- een stukje over wat ik tijdens de Engelse les doe om Sinterklaas te vieren. 

Tijdens mijn sinterklaasles noem ik het woord sinterklaas zeker niet. Nee, ik leg uit dat we deze hele les bezig gaan met het uitbreiden en ontwikkelen van hun woordenschat. Dit is namelijk heel belangrijk. (En dat is ook zo, maar in deze les gebruik ik het als vermomming voor iets anders. Laten we het een didactische surprise noemen).

Bron: Pixabay.com


Ik begin met het woord 'nice' op het bord te schrijven en leg uit dat zelfs in hun examenjaar veel leerlingen tijdens hun mondelinge examen of bij het schrijven van een brief niet verder komen dan het woord nice, als vertaling van het woord leuk, om iets te beschrijven dat ze plezierig of fijn vonden. Even een hogerejaars leerling nadoen (met vet aardappelEngels accent, denk Ruud Lubbers die Engels spreekt) helpt de sfeer verhogen en doet de leerlingen inzien dat dit misschien niet de manier is. Samen maken we rondom het woord nice een woordspin met zoveel mogelijk Engelse bijvoeglijke naamwoorden die iets positiefs verwoorden. (denk: amazing, wonderful, awesome etc.) Dan gaan we klassikaal bijwoorden bedenken om de bijvoeglijke naamwoorden te versterken (really awesome bijvoorbeeld, of very wonderful of extremely amazing). Ik voeg aan het pipo-positivo woordenballet op het bord nog een paar complimenteuze Engelse uitdrukkingen toe en laat deze door de klas herhalen, denk hierbij aan iets als: (you are) the cat's whisters, (he is) the bee's knees of (she is) the cat's meow. 

Dan deel ik briefjes uit en laat ik elke leerling een zo uitgebreid mogelijk compliment opschrijven. Iets met zoveel mogelijk bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden, waarbij de opdracht is: wat voor compliment zou jijzelf graag willen krijgen? De leerlingen leveren de (anonieme) complimenten vervolgens bij mij in en ik lees ze allemaal even snel. Staat er iets onbehoorlijk in (wat gelukkig zelden zo is) dan moeten ze het overdoen. Iets onaardigs of schunnigs wordt niet getolereerd! Soms voeg ik zelf ook nog een paar toe. Ik stop alle dichtgevouwde briefjes in een zakje, zonder dat de leerlingen dat zien en zoek een pagina op internet op. Tijd om de surprise uit te pakken!

Want wat volgt nu? Een Engelse tekst op de muziek van het bekende liedje 'Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht.' Ik kondig aan dat we dit met z'n allen gaan zingen, want het is ten slotte (bijna) 5 december. Ondanks bedenkelijke blikken in het begin zingt de hele klas vrolijk mee met de tekst. En ik zelf natuurlijk ook. Leuk man!

Ik leg dan uit dat het oude principe nog steeds geldt: liedje zingen = cadeautje krijgen. Iedereen krijgt vandaag van Sinterklaas een compliment cadeau. Het zakje waar ik alle briefjes in deed is stiekem gewoon een jute (mini sinterklaas)zakje en hiermee ga ik langs alle leerlingen. Met in mijn andere hand een schaal met kruidnootjes en choconootjes, want zonder iets lekkers is het nog niet echt sinterklaas. Zo krijgt iedereen van een willekeurige klasgenoot een gemeend compliment en een paar kruidnootjes op de koop toe. Is dit uitgedeeld is de les voorbij en verlaat iedereen met een vrolijk gemoed de les: ze hebben iets gegeven, plezier gehad en iets gekregen. Precies waar Sinterklaas om draait volgens mij.

En ik? Ik verlaat aan het einde van een dag met zulke lessen met een blij rood hoofd de school: even heb ik Sinterklaas mogen zijn. :-) 


Ook dit jaar staat deze les weer op het programma, heb er nu al zin in! Aanstaande maandag kun je hier een update verwachten over hoe het nu met de burn out gaat, en de week erna begint de kerst lekker vroeg met de enige echte Juf Jolanda kerstquiz… Maar genieten jullie eerst nog even van alle Sinterklaas vrolijkheden? 

donderdag 5 juli 2018

Rerun: Engels op de basisschool


Vandaag weer een trip down memory lane. Letterlijk, want het stuk dat in de herhaling gaat, ging over lesgeven op de basisschool. Dat doe ik al een tijdje niet meer, en ik mis het soms wel. Want wat is het leuk, lesgeven aan die kleintjes...


In een lang schimmig verleden (althans het was keurig, maar dat begint wat minder smeuïg) ging ik eens naar een taalcongres. Hier heb ik een dag rondgelopen en aan van alles mee gedaan.

TPRS
Zo volgde ik er een workshop TPRS: Teaching proficiency through reading and storytelling, bij de man die dit ontwikkelde, Blaine Ray. Een waanzinnig inspirerende workshop waar ik direct meer mee wilde doen. Op dat moment had ik echter niet de mogelijkheid om dit toe te passen. Later zat mijn oudste dochter in groep 7 bij een enthousiaste meester die mij uitnodigde om bij hem Engels te geven. Toen ik aangaf dat door middel van TPRS te willen doen werd hij alleen maar enthousiaster.

Wat TPRS is? Hmm... dat is een lang verhaal. Ik zal er later nog eens uitgebreider over vertelen, maar laat ik het er voor vandaag bij houden dat het gaat om verhalen vertellen, waarbij de leerlingen zelf heel veel invloed hebben op de voortgang van het verhaal. Ik durfde het als beginner in het basisonderwijs en zonder enige ervaring met TPRS niet aan om de leerlingen echt het hele verhaal te laten bepalen, maar ik liet stukjes open die zij mochten invullen. Waar het om ging was dat ik eindelijk verhalen kon vertellen. En dat deed ik. Eerst het verhaal van 'the blue boy and the purple peanut'. Daarna het verhaal over een pinguïn die wil dansen maar de juiste schoenen niet kan vinden. Ik verzon de kern van het verhaal zelf, liet de kinderen de details invullen en maakte boekjes met het verhaal in geschreven vorm en vragen daarbij.

Leergierig
Voor de rest las ik voor. Roald Dahl is altijd een goed idee, en omdat veel kinderen zijn verhalen al kennen, kun je best in groep zeven of acht zo'n boek voorlezen. Dat wat ze niet verstaan of begrijpen kennen ze nog wel een beetje van de Nederlandse versie immers. Ook liet ik de kinderen in groepjes een quiz maken en in het Engels complimenten geven aan elkaar. Mijn laatste keer lesgeven in groep 7 en 8 besloot ik met een taalcircuit. Wel een organisatie, maar wat was het leuk; de kinderen deden een quizje, bestelden in het Engels wat te drinken en lieten zien wat ze geleerd hadden. Verreweg de meeste van de kinderen die ik zo les gaf waren namelijk heel leergierig en enthousiast. Engels was een interessant beetje exotisch vak, een voorbode van de middelbare school waar ze best naar uitkeken. Toch stopte ik ermee, omdat ik een flink stuk meer ging werken en mijn baan niet langer met het vrijwillige werk op de basisschool kon combineren. Soms mis ik het nog.

Bron: Pixabay.com


Echte kleintjes
Vorig jaar heb ik wel een paar keer iets nieuws uitgeprobeerd: lesgeven aan nog jongere kinderen. Groep vier. Het was uitdagend, om hun aandacht er telkens bij te houden, maar wat hadden ze er een plezier in! En ik natuurlijk ook. Dit keer vertelde ik geen verhalen TPRS-stijl, maar deed ik het anders. Ik had op mijn werk namelijk een boek over Engels op de Vrijeschool gevonden, gericht op de onderbouw (basisschool). Dit hield in dat we elke les versjes opzegden, liedjes zongen en spelletjes deden. Zo leren, dat het niet aanvoelt als leren zeg maar. Omdat het niet het hele jaar was, maar slechts een paar keer was het goed vol te houden. Ook deze lessen sloten we op gepaste wijze af: met een echte Engelse afternoon tea. Voor mij een goede combinatie:Engels, blije kinderen en lekker eten. Kijk, en toen dat werd geserveerd had ik dus geen enkele moeite meer om hun aandacht er bij te houden!


Zoals gezegd geef ik al een tijd geen Engels meer op de basisschool, maar mijn kinderen krijgen tegenwoordig wel Engels, al vanaf groep 1. Het is nu te kort dag, voor volgende week en de week daarna staan de laatste stukken voor de zomervakantie al klaar, maar bij deze beloof ik dat ik na die vakantie hier nog eens over schrijf; hoe mijn kinderen nu Engels krijgen op de basisschool en wat ik daarvan vind. Cliffhanger tot en met september is dit!

donderdag 28 juni 2018

Rerun: Anders lesgeven


Vandaag in de herhaling een stuk dat ik schreef toen dit blog nog maar net begonnen was. Een niet al te lang bericht, dat precies weergeeft wat ik doe en waarom ik dat doe. En hoeveel plezier ik daar aan beleef! Die wilde ik zelf ook nog wel eens lezen.


Bron: Pixabay.com


Ik zeg het weleens vaker, maar ik vind het ook echt: ik werk op de leukste school van Nederland. Vooruit dan: van het Noorden. Op een voortgezette vrijeschool is namelijk aandacht voor de hele leerling, niet alleen het hoofd (cognitieve aspect) wordt aangesproken, maar ook het hart (sociaal-emotionele vaardigheden) en de handen (maken, beweging). En dan niet als ondergeschikte bijvakjes, maar alle aspecten evenveel. Voor een docent betekent het een andere manier van lesgeven: ademend en bewegend. Klinkt vaag? Valt best mee.

Creatief en autonoom
Voor een docent Engels zoals ik houdt het in dat we niet alleen uit een standaard methode werken. Sterker nog, alleen onder licht protest en met veel, heel veel aanvullend materiaal. Dat vraagt improvisatievermogen en creativiteit, maar dat zijn nu net twee van mijn sterke punten, dus voor mij geen punt. Voor iemand die gewend is om een strakke leidraad in de vorm van een methode te hebben is het behoorlijk wennen, maar ik zou niet meer anders willen. Volgens de antroposofische visie moet je als docent jezelf als mens meenemen voor de klas, en je persoonlijkheid laten zien in hoe en wat je lesgeeft. In het verleden, als beginnende en onzekere docent, vond ik dit nog weleens lastig, maar het lukt me steeds beter. De vrijheid om zelf in grote mate mijn onderwijs te kunnen bepalen, binnen bepaalde richtlijnen en in overleg met collega's, maakt dat ik mij op mijn school als een vis in het water voel.

Ademend
Sommige dingen worden op een vrijeschool net even anders benoemd en ervaren, maar als je je erin verdiept blijkt er veel moois in te zitten. In de antroposofie gaat men er vanuit dat onderwijs ademend moet zijn. Adem gaat in en uit, en zo zouden de activiteiten in een les ook moeten zijn; van binnen naar buiten (zoals spreken en schrijven) en van buiten van binnen (zoals luisteren en lezen.) Bij het leren van een taal is het een valkuil om in dat laatste stuk te blijven zitten: leerlingen lezen veel teksten, luisteren naar de docent die in de doeltaal dingen uitlegt en vertelt en er is voor hen minder kans om van binnen naar buiten te bewegen, uit te ademen zogezegd, door zelf iets te doen. Een van de middelen om dit te doen is bijvoorbeeld door hen gedichten te laten reciteren, of liedjes te zingen. Zo bereik je bovendien niet alleen dat hoofd dat maar alles tot zich moet nemen, maar doe je iets met je lijf (leerlingen staan achter hun stoel tijdens het reciteren of zingen) en met z'n allen. Hoofd, hart, handen: check.


Zo ontwikkelen niet alleen de leerlingen zich, maar ook ik als docent. Ik leer elke dag, en ik ontwikkel elk jaar wel weer een nieuw project of ander materiaal. Zo ben ik dit schooljaar begonnen met het vertellen van verhalen. Ik pas mijn lessen steeds beter aan, aan het seizoen bijvoorbeeld. Zo de natuurlijke ritme van de natuur volgen voelt voor mij heel goed, hoort bij de antroposofie en het raakt de leerlingen op een bijna vanzelfsprekende manier. Voorbeelden? Volgende keer!

maandag 4 juni 2018

Anglofiele juf


Engelse juf zijn betekent voor mij ook anglofiel zijn. Niet dat ik blind ben voor de dingen die wellicht wat minder zijn aan het land, de geschiedenis of de cultuur, maar wel een sterke liefde die maakt dat dat soort dingen er toch iets minder toe doen. Hoe het komt? Ik weet het oprecht niet. Nou ja, mijn vader heeft een grote liefde voor geschiedenis, onder andere voor Keltische en Anglo-saksische. En mijn moeder had ooit het plan om een tijd in Engeland te wonen, totdat ze mijn vader tegenkwam, trouwde en een jaartje of twee moeder werd van ondergetekende. Wellicht is het die genetische combinatie die ervoor zorgde dat ik een onverbeterlijke anglofiel ben.

Bron: pixabay.com


Anglofilie (klinkt een beetje als een ouderwetse ziekte) is een breed begrip. In mijn geval betekent het sterke interesse in de taal, geschiedenis en cultuur van Engeland, Ierland, Schotland en Wales. Amerika en Canada trekken mij minder, hoewel ik juist het verhaal en geschiedenis van diens oorspronkelijke bewoners wel weer erg boeiend (en helaas bijzonder tragisch) vind. 

Voor mijn lessen betekent het dat ik het niet alleen over de taal heb, maar ook de cultuur en geschiedenis erbij betrek. Vertel over de mensen die in die geschiedenis betrokken waren; de bekende, maar vooral ook de onbekende. En over hoe de cultuur invloed heeft op de taal (vaker please zeggen bijvoorbeeld dan wij in het Nederlands zouden doen, omdat de aanspreekvormen net iets vormelijker, of beleefder zijn, dan de directheid van de Nederlanders.) Of over hoe de geschiedenis invloed had op de taal (hoe de vikingen zorgden voor woorden die we nu nog herkennen als Scandinavisch of Fries van oorsprong.) Of hoe de taal in de loop van de eeuwen veranderd is. (Dat men in de 14e eeuw nog steeds Saksische uitspraak bezigde; night niet als /nait/ maar als  /nicht/ bijvoorbeeld. Of dat we nu nog 'apple' schrijven omdat je het vroeger letterlijk zo uitsprak, en pas later als /aeppul/)

De liefde die ik voel voor het gebied, de taal, cultuur en de geschiedenis maakt dat ik mijn vak met veel enthousiasme kan overbrengen. Ik ben er van overtuigd dat dat, hoe stom een leerling een vak ook vind, verschil maakt. Misschien niet makkelijker, maar misschien wel net een tikje minder stom. 

Wat denken jullie?

donderdag 26 april 2018

Rerun: Muziek, de sequel


Vandaag in de herhaling een stuk dat eerder in 2017 verscheen. Het is een vervolg op een blog waarin ik vertelde over een van mijn favoriete projecten; het music project dat ik doe in de achtste (=tweede) klas. Later dit jaar zal ik eens een nieuw bericht schrijven over een project dat ik met mijn zevende klassen doe. Vandaag - het is tenslotte throw back Thursday - eerst een terugblik. 



Na de eerste clipjes volgt er in dit eerste deel van het muziekproject nog een raar liedje met een bijzondere clip. Deze kijken we, met de tekst erbij, tot het moment dat de buurjongen bij het speciale meisje aanbelt. Eerst stel ik vragen zodat ik er zeker van ben dat ze de tekst tot dat moment begrijpen en daarna gaan we weer brainstormen: wat zou er nu gebeuren? De buurjongen heeft niet veel goeds in de zin, maar dan? Hierna bekijken we de rest, een totaal bizar en surrealistisch einde van het lied. 




Wat ik dan weer bijzonder vind, is dat op de eerste scholen waar ik werkte en dit project deed, leerlingen dit einde niet begrepen, of er tegen in opstand kwamen. 'Ja, maar dat kan toch helemaal niet?!'. Op mijn huidige school heb ik die reacties tot nu toe niet gekregen. De leerlingen begrijpen het niet alleen, maar kunnen er ook in mee gaan. Ik vind het een mooie constatering dat out-of-the-box denken voor mijn huidige leerlingen gewoon is, en een niet realistisch einde prima kan. Kunst, weet je.

Voorspellen
Bij het laatste liedje, met een mooie mini-film als videoclip, stop ik de clip op het moment dat de hoofdpersonen handen vasthoudend een plan bedenken. Wat dat plan zou kunnen zijn? De leerlingen kennen Jolanda en haar rare liedjes inmiddels. Hij gaat eraan.

https://www.youtube.com/results?search_query=goodbye+earl+dixie+chicks+official+video 


En dat klopt.


Nu zelf

Na dit eerste deel van het project wordt het tijd voor het tweede. Ik laat hierin eerst een plaatje zien van een jongen en een meisje. Weer gaan leerlingen nadenken over wie de mensen in de film zijn en in groepjes bedenken ze (vaak de prachtigste en meest bizarre) verhalen over wie deze mensen zijn, en wat muziek voor rol zou kunnen spelen in hun verhaal. Dan blijken deze mensen de hoofdpersonen te zijn in een prachtig kort filmpje waarin een mixtape een rol speelt. 

Zo komen we bij het verschijnsel mixtape. Wat is dat eigenlijk? Stel je voor dat jij een mixtape zou maken met muziek die jij speciaal vind, welke 10 nummers zouden daar in elk geval op komen? Dat wordt huiswerk.

Presentaties
In de les daarna laat ik de leerlingen hele kleine fragmentjes luisteren van de tien nummers uit mijn eigen mixtapelijst en mogen ze stemmen. De drie populairste nummers worden mijn top drie, democratisch besloten. Zelf mogen ze hun eigen top tien ook inkorten tot een top drie. Ik kies uit mijn top drie een nummer en daarover houd ik een korte voorbeeldpresentatie. Drie tot vijf minuten lang, waarin ik in het Engels vertel waar het lied over gaat, wie het uitvoert en waarom ik het een bijzonder nummer vind. Dat is het moment dat mijn deel ophoudt en leerlingen hun muziek mogen laten horen en erover vertellen.


Tijdens die muziekpresentaties hoor ik elk jaar wel weer een nummer dat ik niet kende, maar waarvan ik de muziek (of onderstaand videoclip) intrigerend vind.




Of een tekst die me terugbrengt bij mijn eigen puberteit.





Als je dan toch moet leren om een praatje te maken in het Engels dan is voor heel veel leerlingen praten over muziek een mooi begin. Na al die tijd door mij lastig te zijn gevallen met mijn muziekjes, kunnen ze nu hun eigen favorieten laten horen. Shawn Mendes of Justin Bieber als wraak voor de mixtapefragmentjes van Deftones, Medieval Baebes, Kartellen en Radiohead van mij. Het mag allemaal. Al ben ik blij en opgelucht dat er ook leerlingen komen met zoiets



Heb ik ook nog wat leuks om naar te luisteren.

maandag 2 april 2018

Rerun: Paasbericht


Normaal gooi ik eens per twee, drie weken op donderdag een bericht van vorig jaar in de herhaling, maar omdat het Pasen is heb ik dat deze week omgewisseld. Vandaag dus een Paasberichtje van vorig jaar, aanstaande donderdag een nieuw bericht.

Wel krijgen jullie nog de goede antwoorden van de paasquiz van vorige week maandag. Vraag 1 was C, vraag 2 was A (vandaar dat wij nog steeds hebben over de Easter bunny, al is deze in Nederland veranderd in een haas, en er volop eieren zijn. Heeft allemaal met onze heidense voorouders te maken!), vraag 3 moest Ostara (C) zijn (hieruit zijn bv de Duitse en Engelse namen voor het Christelijke Pasen ontstaan: Oster en Easter) en bij vraag 4 was het antwoord B, de Romeinen. (De Romeinen verboden het heidense gebruik om elkaar eieren cadeau te geven namelijk. Omdat mensen dit nog steeds wilden blijven doen, gebeurde dit voortaan in het geheim. Vandaar dus het verstoppen!) 



Omdat het Pasen is deel ik vandaag het verhaaltje met jullie dat ik afgelopen week met mijn klassen behandelde. Lees, geniet en wees niet te scheutig met de chocolade eitjes. Vandaag mag het!


Bron: Pixabay.com





The Bunny Tale

(by Del "Abe" Jone)



I thought it was a kitty cat

But saw it was a rabbit

He was hopping down the trail
And then he stopped to sit.

He looked back at me 
And wiggled his nose
Seems he wanted me to follow
So, I quickly arose.

I started down that trail
Amongst the forest's trees
As that rabbit scurried off
As quickly as you'd please.

He stopped at the next bend
He once more looked at me
And as I moved nearer
He turned once more to flee.

I moved deeper in the forest
It was dark and kinda silent
I looked around the trail's curve 
To see where that rabbit went.

He sat in an open clearing
Of clover covered ground
Amidst a group of creatures
That had gathered around.

They all watched me warily
But, they didn't turn to run 
The rabbit said, "Come join us.
Come join in our fun."

I asked, "How do you speak?
Am I losing my mind?
If I close my eyes and look again,
I wonder what I'll find?"

He said, "You're in our world now, 
And if you'll truly believe,
You will be amazed at things
Your heart and mind perceive."

"You will see life as it should be,
If you'll take the time to look.
You'll find all those stories true, 
As told in the fairytale book."

"You'll see we live in peace,
And nearly perfect harmony.
You'll learn what it really means
To be happy, safe and free."

I sat down with legs crossed 
And said, "Please tell me more.
This sounds like the very place
That I have been searching for."

"I'm tired of all the hassle
Of this world in which I live
Where they all think, I want to take, 
When I only want to give."

"It's a plastic/cardboard place
Where nothing's really real.
Where so many things are only said,
Without the will to feel."

"So, if I like it here with you 
Will I be able to stay?
Or will you force me to return
To where they play those games they play?"

He said, "Humans are so foolish!
They are filled with hate and greed
They rip the life from the Earth 
After they've planted its seed."

You say you want to stay with us
But, that can not be allowed,
For if we welcome one of you
Before long, there'll be a crowd."

"We will let you stay for awhile 
Try to teach you what we know
That this World can live in Peace
And then, you'll have to go."

But then I awakened
And realized, I'd dreamed
But I can't get over how real
That Easter Bunny seemed!

maandag 26 maart 2018

Paaslessen


Het leek me leuk om eens wat meer te vertellen over wat ik in de klas zoal uitspook. Qua lessen, bedoel ik in dit geval. Ik heb hier al eens verteld over de adventlessen die ik de laatste drie weken voor de kerstvakantie geef, en omdat deze week Pasen al in de lucht hangt is het vandaag tijd voor mijn paaslessen.

Bron: Pixabay.com

Eerst het voorjaar, dan de eitjes
Op een Vrijeschool worden de seizoenen gevolgd, ook in wat we bij vaklessen doen, dus is het volstrekt logisch dat bij de Engelse les aandacht wordt gegeven aan de lente. Ik doe dat door middel van het reciteren van een schattig lentegedichtje. Daarna is het al vrij snel tijd voor Pasen. Ik heb dit door de jaren heen op verschillende manieren gedaan; leerlingen vragen laten beantwoorden waarbij de combinatie van de juiste antwoorden een code opleverde. Vervolgens mochten ze in de klas op zoek gaan naar door mij verstopte eieren en het ei opzoeken met hun code. In dat plastic ei zaten dan voor ieder een klein paaseitje. Heel leuk, maar wel een flink karwei. Elk duo moest andere papieren (met verschillende codes) want anders is de hele klas op zoek naar hetzelfde ei. En elk uur moesten leerlingen even buiten wachten terwijl ik met zweet op mijn voorhoofd de eieren snel verstopte. De laatste jaren maak ik me er daarom iets makkelijker van af, met een paasquiz. 

Quiztijd!
De basis van de lessen is altijd een tekstje die ik ooit tegen kwam in een reclamefolder van een Noord-Ierse supermarkt, toen ik daar voor mijn studie een tijdje doorbracht. Het was toen ook rond Pasen en in het foldertje stond tussen de reclame voor 'egg-stra special' paaschocola allerlei informatie over de oorsprong van Pasen en de voorlopers van dit feest. Dit tekstje gebruik ik om de leerlingen te laten lezen, spreken, luisteren, samenwerken en iets te leren over Easter. Hoe? Het is een best moeilijke tekst, met veel moeilijke woorden. Een leerling krijgt alleen de tekst, een tweede leerling krijgt de vertaling van de moeilijke woorden. Ze moeten dan samenwerken om er zo achter te komen wat er nu precies staat.

Ook spreken en luisteren
Er zijn nog twee leerlingen in het groepje die de tekst niet mogen zien, maar zij moeten straks wel de vragen van de quiz beantwoorden. Dit betekent dat er opnieuw moet worden samen gewerkt: zij moeten vragen stellen aan leerling een en twee en aantekeningen maken (alles in het Engels natuurlijk) over de informatie in de leestekst. Al met al zorgt dit ervoor dat ze alleen verder kunnen komen als ze goed samenwerken en allemaal mee doen. Natuurlijk zitten er ook leerlingen tussen die minder goed zijn in Engels, maar met z'n vieren komen ze zo een heel eind.

In de laatste tien, vijftien minuten spelen we dan de quiz. De leerlingen verlaten de les niet alleen met een paaseitje (deze juf  houdt nu eenmaal van uitdelen) maar ook met kennis die de meesten nog niet hadden.

Nu jullie...
Ben ik benieuwd of jullie de vragen in de quiz goed zouden beantwoorden. Ik zal ze niet allemaal doen, maar een paar. Gewoon voor de gein. Doen jullie mee? Doe ik voor deze ene keer de vragen in het Nederlands.

1. Wat is de belangrijkste datum op de christelijke kalender?
A. Kerstmis
B. Vastentijd
C. Pasen

2. Wat werd er vereerd tijdens heidense lentefestivals?
A. Konijnen en eieren
B. Mythologische godinnen
C. Een heilige boom

3. Wat was de naam van een heidens lentefestival?
A. Astora
B. Ostoro
C. Ostara

4. De traditie van het eieren zoeken ontstond in de tijd van welke overheersers?
A. De Barbaarse
B. De Romeinse
C. De Griekse

Ik laat het hier even bij. De antwoorden krijg je aanstaande maandag van me, samen met een korte Paasherhaling. Een gewoon nieuw bericht krijg je voor deze ene keer (ivm Pasen) volgende week donderdag. 

Laat je nu een reactie achter, hier of op FB, met jouw antwoorden, krijg je van mij een paaseitje!



Bron: Pixabay.com