Posts tonen met het label werkdag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label werkdag. Alle posts tonen

donderdag 12 oktober 2017

En nu allemaal de koppen dicht, ja!!!

Mijn man en kinderen weten er alles van: ik kan echt maar een ding tegelijk. Dus als ik mailtjes beantwoord, een blogje schrijf of proefwerken nakijk en iemand wil mij een mop uit een moppenboekje vertellen, vragen of ze morgen met Nolan mogen spelen of willen weten wat er die avond gekookt moet worden, dan hoor ik dat niet. Als het nogmaals wordt gezegd of gevraagd ervaar ik dat als ruis op de achtergrond die in razendsnel tempo oorverdovend wordt en baf! Kortsluiting in mijn hersenen. Teveel informatie om te verwerken, teveel tegelijk en het resultaat is meestal een nogal geblaft, niet bijster vriendelijk antwoord van mijn kant, iets waar ik zelden zelf blij mee of trots op ben, maar het gebeurt. Sorry, ik bedoelde het niet zo...
In de les heb ik hier minder last van, van dat korte lontje. Dat bewaar ik meestal voor thuis (nogmaals mea culpa, lieverds), maar ook op school zijn er momenten waarop ik het heb gehad.

Voor iedereen die inmiddels bij mij het beeld heeft gekregen van een blij ei in hippiejurk en heksenhaar, nou ja, dat klopt wel. Maar niet altijd. Een van de dingen waar ik slecht tegen kan is als mensen door me heen praten. Nou, dan moet je docent worden. Kun je je lol op.

Geklets
Natuurlijk weet ik dat het erbij hoort. Ik sta inmiddels een paar jaar voor de klas, heb een dikkere huid gekregen en een arsenaal aan oplossingen. Gewoon stil zijn en voor de klas gaan staan bijvoorbeeld. Wachten. Kan lang duren, heel lang, maar uiteindelijk wordt het stil. Even opvallend gaan staren naar de grootste kletskousen helpt, een ontevreden blik op mijn gezicht ook. Als ik meer druk wil zetten, steek ik mijn vinger dreigend in de lucht; het teken om aandacht te hebben en stil te zijn. Werkt minder goed dan gefronste wenkbrauwen, is wel vriendelijker. Op deze manier wachten werkt, kost weinig inspanning, maar neemt veel tijd in beslag.

Silence please
Er zijn veel wisselingen in een les, zelfs in eentje van een magere 45 minuten. Van introductie programma naar boeken open slaan, van samen lezen naar zelfstandig oefening doen, van luisteren naar een verhaal naar gedicht reciteren. Als je bij elke wisseling opnieuw geklets hoort kan dat wachten op stilte heel vervelend worden.
Soms heb ik er ook gewoon geen geduld voor. Dan ga ik aftellen.  In het Engels, van tien naar een. Na 1 (Silence please!) weet iedereen inmiddels dat het stil moet zijn. Mensen die lollig heel hard denken mee te moeten tellen worden afgestraft. Dit aftellen werkt snel en goed, maar nog kan het rommelig worden. Tien keer in de les aftellen doet het effect weer teniet dus dat doe ik niet.

Geduld
Voor de klas heb ik een stuk meer geduld dan thuis, en er komt een moment dat ik het zat ben. Dan ga ook ik Ssst-sissen. En wee de leerling die leuk mee doet! In het verleden heb ik wel met de deur geslagen, dat doe ik (na klachten van  volledig lamgeschrokken leerlingen) niet meer. Geen shocktherapie, vind ik zielig. Van de week was ik bezig met een luisteropdracht waar tig keer doorheen werd gesproken en ik had het echt gehad. Toen hoorde ik mezelf onvriendelijk blaffen: ‘En nu is het echt stil!’


Volgens mij schrokken de leerlingen meer van mijn gezichtsuitdrukking van de uitroep zelf. Ik zag één leerling een beetje wit wegtrekken. Maar dat is dan ook een lieverd. Eigenlijk had ik toen al direct weer medelijden met ze. Maar soms moet het gewoon echt even stil zijn. Dan maar zo.

donderdag 21 september 2017

Blij ei

Een deel van de antroposofische onderwijsvisie houdt in de docent enorm belangrijk is. Hij of zij dient positief en enthousiast te zijn, voor het vak en ten opzichte van de leerlingen. Bovendien wordt er verwacht dat je kunstzinnig en creatief lesgeeft.
Mij kost dit over het algemeen weinig moeite. Ik vind het namelijk echt leuk om les te geven en ben oprecht enthousiast over wat ik doe. Heerlijk, dat reciteren, luisteren naar mooie liedjes, in gesprek gaan met de klas, verhalen vertellen. Ik ben kunstzinnig en creatief, de lessen die ik ontwikkel zijn dat ook zoveel mogelijk en als je het leuk vind wat je doet is het niet moeilijk om enthousiast te zijn.

Fijne combi
Ik vind Engels een prachtige taal en geschiedenis (laten mijn lerarenopleiders het niet horen) zo mogelijk een nog mooier vak. Daarnaast vind ik het erg leuk om verhalen te vertellen. Ik ben op mijn blijst als ik een periode Renaissance kan geven en naast een stuk kunstgeschiedenis ook kan vertellen over de Engelse renaissance; Henry VIII en al zijn vrouwen, Elizabeth I, Shakespeare, sir Francis Drake. Of over de Industriële Revolutie; enclosure, opkomst van de industrie, uitvindingen, sociale kwestie met een staartje Victoriaanse tijd en Dickens. En geschiedenis en Engels en mooie verhalen om te vertellen, mijn persoonlijke lesgeefhemel!

Te vrolijk
Voordat dit een al te vrolijk stukje wordt; ik ben natuurlijk slechts een mens. Een mens bovendien met Pms, kinderen die de neiging hebben om zo af en toe ziek te zijn, slechte nachten en andere zaken die mij uit mijn blij-ei-modus halen. Als er dingen aan de hand zijn die groter zijn dan een alledaagse irritatie of slecht humeur, er echt iets aan de hand is, dan speel ik meestal open kaart met mijn klassen. Als er iemand in je omgeving erg ziek is of zelfs komt te overlijden dan kun je er even niet optimaal zijn en leerlingen mogen dit best weten.

Ziek
Ook heb ik regelmatig te maken met ziekte; mijn zwakke plek is voorhoofdholte-ontsteking en dat duurt zo vier weken. Als het te erg wordt, blijf ik uiteraard thuis, maar dat kan niet altijd. In die gevallen dat ik op school ben maar het eigenlijk net wel/ net niet kan, leg ik het ook uit aan mijn klassen. 'Ik ben er wel, maar voel me behoorlijk naar, wazig en duizelig. Het zou heel fijn zijn als jullie vandaag even extra lief voor me zijn.' Het fijne is: negen van de tien klassen zijn dat dan ook. Net mensen, die pubers.

Heppie de peppie

Als het iets minder groots is, maar ik me om de een of andere reden (hormonen hebben hier vaak mee te maken) niet echt heppie de peppie voel dan bluf ik me er meestal doorheen. Ik doe dan net of ik wel vrolijk ben. En het rare is: dat werkt dus echt. Niet bij echt groot verdriet en narigheid, maar bij huis-tuin-en keuken chagrijn wel. Hoe je dat doet? Jezelf vrolijk bluffen? Ik zet een grote glimlach op. Dat kan gekunsteld of krampachtig aanvoelen, maar ik doe het wel. Met die grote glimlach richt ik me bij de deur op de leerlingen die binnenkomen, schud hen de hand en laat hen weten dat ze welkom zijn. Ik doe mijn best hen vrolijk de klas binnen te laten, deel even een extra complimentje uit en maak bewust, met aandacht contact met de kinderen die binnen komen.

Wat er dan -vaak- gebeurt is bijzonder. Althans, dat vind ik. Leerlingen vinden het altijd fijn om positief benaderd te worden en reageren leuk. Er ontstaat een goede energie en met die energie start ik de les. Vaak treedt dan (bij ziekte of hoofdpijn) adrenaline in werking en negen van de tien keer eindig ik met meer energie de les dan ik eigenlijk in het begin voelde. En wat nog fijner is: de vrolijkheid waarmee ik dan weer afscheid van de klas neem is niet geveinsd.



Zo gebeurt het regelmatig dat ik met een grote glimlach de school uitstap, terwijl ik een paar uur daarvoor nog met een chagrijnige kop binnen stapte. Lukt niet altijd, maar die keren dat het wel zo gaat is winst. Voor alle partijen.

donderdag 20 juli 2017

Zin en onzin over leraren en vakantie

Bijna, bijna is het zover en begint dan eindelijk de zomervakantie. Het was een heel lange rit dit jaar, met een meivakantie die in april viel en maar liefst twaalf weken tussen die paasvakantie en deze zomervakantie. Mijn leerlingen zijn er dan ook behoorlijk aan toe. En als ik hier thuis zo eens rond kijk, mijn kinderen ook.

Toen ik begon met werken in het onderwijs, hadden we elke zomer zeven weken vakantie. Tegenwoordig is dat terug gebracht naar zes. Nog royaal vergeleken bij andere beroepen en banen, maar om heel eerlijk te zijn ook een noodzakelijkheid. Net als de andere vakanties die we in het onderwijs hebben.

Ergernis
Over leraren en vakanties wordt veel gezegd, en vaak is het grote onzin. Ik zal niet snel vergeten dat ik bij de Chinese afhaal betrokken werd bij een gesprek. Een aantal bekenden hadden het over werk en luiheid, zoiets. De ene partij maakte een opmerking als 'Ja, als ik het makkelijk had willen hebben dan was ik het onderwijs wel in gegaan. Dan heb je tenminste bijna altijd vakantie, toch?' Met een olijke blik keek hij eerst naar zijn kennissen, die hem lachend bijvielen. Toen keek hij mij aan, en aan de geschrokken blik in zijn ogen kon ik merken dat mijn eigen gezichtsuitdrukking minder geamuseerd was. Not amused indeed. Link kan ik er van worden.


Ken je dit soort uitspraken?




Heel grappig, hoor. Behalve als je beseft dat het niet alleen niet waar is (juni, juli en augustus bevatten in totaal ruim 13 weken, waarvan we 6 weken officieel vakantie hebben en de andere 7 gewoon werken), maar best frustrerend dat mensen vaak niet door hebben dat zo'n uitspraak een grapje is.

Even wat feitjes:
  • bij een volledige baan (in onderwijstermen 1,0 fte) in het onderwijs werk je in het voortgezet onderwijs 42,29 uur per week. Ter vergelijking: bij veel andere banen bestaat een volledige baan uit 38 tot 40 uur per week. De 2 ½ tot 4 ½ uur die je bij een volledige baan meer werkt t.o.v. de meeste andere banen is om de lesvrije dagen (in de volksmond: vakantie) te compenseren. Wij werken namelijk in 40 weken tijd (=52 weken minus 12 lesvrije weken) evenveel als andere mensen in 45. (bron: http://www.drs-online.nl/artikel.php?ID=695) Wordt het al iets minder luilekkerland?

  • Werken in het onderwijs komt met risico's. Van alle branches is het risico op een burn out in het onderwijs het grootst, en dat is al jaren zo. (bron:http://www.coachbureau.nl/blog/2015/06/02/werken-in-het-onderwijs-nergens-is-de-werkdruk-zo-hoog-nergens-zoveel-burn-out/) De weken vakantie die er zijn, zijn eenvoudigweg nodig om bij te tanken. Werken in het onderwijs betekent werkdagen van gemiddeld 8,5 uur. Maar dat is gemiddeld. Er zijn soms, met name vlak voor vakanties pieken waarin (flink) meer gewerkt wordt. Zouden er minder vakanties zijn, dan zou het nog moeilijker zijn om bij te komen. Klinkt toch alweer iets minder rooskleurig.

  • Er is een verschil tussen waar je officieel voor betaald krijgt en wat je in werkelijkheid doet. Uit recent onderzoek van de Aob (Algemene Onderwijsbond) blijkt dat hoewel de officiële werkweek in het basisonderwijs 40 uur per week is, en in het voortgezet onderwijs zoals hierboven beschreven 42,5 is, docenten structureel overwerken. Onbetaald uiteraard. Een leraar op de basisschool werkt gemiddeld 46, 9 uur per week (kun je je voorstellen: bijna een hele werkdag extra werken? Elke week?) en een leraar op de middelbare heeft een gemiddelde werkweek van 45,2 uur. Behoorlijk gevulde werkweken dus. De uren die leraren maken in schoolvakanties moeten hier overigens nog bij op worden geteld, want die zijn in dit onderzoek niet meegenomen. (bron:http://www.aob.nl/default.aspx?id=12&article=52823)


    • Bovendien zijn lang niet alle vakanties ook echt honderd procent lang-leve-de-lol-ik-voer-geen-ene-mallemoer-uit-vakanties. Sterker nog, ik noemde het net al lesvrije weken, en dat is ook zo. Neem de zomervakantie. Ik heb minimaal een week nodig om alles af te ronden van het afgelopen jaar en begin in de laatste week weer met plannen en voorbereiden van het nieuwe jaar. Blijven er van de vijf weken vakantie nog drie over. Waarin ik vaak ook alweer ideeen op doe en contacten onderhou. Een 'kleine' vakantie als de herfst-of voorjaarsvakantie wordt zo gevuld met achterstallig nakijkwerk en voorbereiden, mailtjes en contact met ouders. Scheelt reistijd, en je bent er geen hele week mee bezig, maar alleen maar cocktails drinken onder een palmboom? Neen.

Valt tegen? Nee hoor, ik ben erg tevreden. Ik heb een fijne baan en ik geef met veel plezier met hart en ziel les.

Maar het is bij tijden ook heel zwaar. Je bent vaker wel dan niet aan het werk, ook 's avonds en in het weekend. Ik voel me zelden echt vrij, ben altijd op de een of andere manier met mijn werk en mijn leerlingen bezig. En op sommige momenten kan ik er dan heel slecht tegen als mensen grapjes maken over hoe makkelijk het wel niet is om te werken in het onderwijs, met elk jaar drie maanden vrij. Onwetendheid, ik weet het, maar wel onwetendheid die steekt.

Gelukkig is het bijna weer zover: zomervakantie. De komende vijf weken blijf ik bloggen, hoor. Maar wellicht wel iets kortere berichten, die ik van tevoren inplan. Het is immers zomer en ik geniet van een zeer welverdiende vakantie.

Dus als jullie mij zoeken: ik lig op het strand. Onder een palmboom. Met een cocktail.



(In elk geval in gedachten.)

maandag 17 juli 2017

Bijzondere producten

Op geen enkele andere school ben ik zoveel supertof uitgevoerde opdrachten tegen gekomen als op deze school. Ik sta af en toe versteld van de creativiteit van mijn leerlingen.

In mijn Engelse lessen mogen de leerlingen in de 8e klas (tweede klas in regulier onderwijs) gedurende zes lessen, twee weken lang, werken aan een zelfgekozen project. Ze kunnen hierbij kiezen voor het dr.Who project, waarbij ze eerst kennismaken met deze iconische tv held, leren hoe je een script voor een televisieserie schrijft en vervolgens schrijven ze zelf een script voor een scene van ongeveer vijf minuten. In het Engels natuurlijk, duh!

Ze kunnen ook kiezen voor het maken van een Engelstalig tijdschrift, of een zogenaamd 'Individual project'. Dit houdt in dat ze zelf een onderwerp kiezen waar ze in geïnteresseerd zijn en zich hierin gaan verdiepen. Ze moeten er dan Engelstalig onderzoek naar doen en dit verwerken in een Engelstalig product. Zo heb ik filmpjes gekregen waarin videogames nauwkeurig werden geanalyseerd en gerecenseerd, een presentatie gezien waarin werd verteld over de Amerikaanse eetcultuur en de prachtigste tijdschriften. Kijk, zoiets nakijken is dus nooit vervelend!

Ik heb ook eens samen met een collega een periode geschiedenis gegeven. De industriële revolutie. Mijn collega gaf drie dagen per week (drie weken lang) het feitelijke deel van de periode, met een periodeschrift en periodetoets. Ik gaf twee dagen per week, dus zes dagen in totaal een andere verwerking. Ik vertelde de verhalen van mensen die van belang waren geweest voor die Industriële revolutie en liet de leerlingen werken aan een zelfgekozen opdracht. Werkstukken, posters, maquettes, filmpje, ze mochten iets kiezen wat zij het fijnste vonden. Hierin moesten ze laten zien wat zij hadden geleerd over deze periode en er moest een van de bekende figuren uit die tijd in voor komen. Er was een leerling die een film gemaakt heeft die ik thuis met mijn hele gezin heb bekeken. Wat geweldig!

Iets anders waar ik van onder de indruk ben is het eigen initiatief van leerlingen. Bij mij wordt veel film gekeken. Vanwege de onderdompeling, een beetje voor de leuk, maar ook om er iets mee te doen. Een kijk-en luisterverslag: waar ging de film over, waar en wanneer speelt het zich af, wie zijn de hoofdpersonen, wat vind jij van hun gedrag, wat is de kwestie waar de film over gaat, hoe zou jij je gedragen als jij zoiets zou meemaken, etc.


Vorig jaar had ik met een van mijn klassen de film Coraline gekeken en wie schetst mijn verbazing toen een van de leerlingen bij haar filmverslag met een extra bijlage aankwam? Een eetbare!




Zeg nou zelf, op een school mogen werken met zulke leerlingen, dat wil toch iedereen?!

maandag 3 juli 2017

Kort maar krachtig – de tag

In blogland kom je ze regelmatig tegen: tags. Een riedeltje vragen die door verschillende bloggers worden ingevuld. Een soort vriendenboekje – waar ik overigens ook dol op ben- voor volwassenen, maar dan anders. Een hele tijd terug kwam ik er eentje tegen en bedacht toen dat ik ook wel eens zulke vragen zou willen beantwoorden.

Dus vandaag de zogenaamde 'kort maar krachtig' tag, maar dan op zijn juf Jolanda's. Gaan we.

Stom: Achterstallig nakijkwerk en nodeloos lange, volstrekt nutteloze vergaderingen (tijd waarin ik had kunnen werken aan het nakijken van achterstallig nakijkwerk.) (Gelukkig is dat laatste op mijn huidige school niet gebruikelijk, maar ik heb op scholen gewerkt... Poe!) 
Oh en lesgeven in een ander lokaal dan waar al mijn spullen liggen. De hele dag rennen en vliegen om alles te vinden wat ik nodig hebt, nooit leesboekjes in de buurt als ik die moet hebben, met zweetoksels trap op, trap af om weer iets te pakken en terug te hollen... Bah!

Allerstomst: Achterstallig nakijkwerk en ouders die nadat je jarenlang tijd hebt besteed aan extra begeleiding voor hun kind de vraag mailen of ik een beetje extra aandacht in de les zou kunnen besteden aan zoon of dochter. Wat denken jullie dat ik al die tijd heb gedaan?! 
Oh, en zogenaamd grappige opmerkingen over docenten die het zo makkelijk hebben, want altijd vakantie immers. Heel, heel stom.

Dag met een gouden randje: Als ik goede lessen heb voorbereid, precies weet wat ik ga doen, alles klaar heb liggen, zonder problemen mijn lessen kan geven en dan merk dat leerlingen het fijn vinden om in de klas te zitten. Dat zijn fijne dagen. Of als leerlingen nog even blijven hangen om te blijven kletsen. Word ik altijd vrolijk van.

Leukste liedje: Ik behandel veel en vaak liedjes in mijn lessen. Sommige omdat ze grappig zijn, goed te verstaan of te begrijpen, maar allemaal ook omdat ik ze leuk vind. En ik kies dan meestal liedjes uit met een tekst waar we het nog eens over kunnen hebben. Zoals deze bijvoorbeeld.





Houd van: Engels, geschiedenis, lesgeven. En al die leuke kindjes die voor mijn neus staan natuurlijk!

Nooit gedacht: dat ik op een vrijeschool zou lesgeven. Heel erg fijn!

Genieten: Als alles vloeiend verloopt, ik in een flow zit. De hele dag in het Engelse lokaal lesgeven helpt hier enorm bij.

Bang voor: weinig. Die ene keer dat ik zeven maanden zwanger was, les gaf op een landbouwschool en een jongen van bijna twee meter zo boos op mij was dat hij dreigde mij door het raam te smijten deed ik wel een stapje naar achter. Enige keer dat zoiets ooit gebeurde gelukkig.

Hekel aan: achterstallig nakijkwerk, en dan met name de ingewikkelder soort: zinnetjes, boekverslagen, kijk-en luisterverslagen. Dat soort dingen. Een lekker meerkeuzetoetsje, of woordjes so kan ik er altijd wel bij hebben, daar beleef ik lol aan. Aan een goed verslag ook wel, maar als je er 60 hebt liggen wordt het wel snel minder leuk.

Lekkerste weer: als het maar mild is. Niet te warm (concentratie wordt dan nihil in de klas), niet te koud (hoewel dat qua concentratie beter schijnt te zijn), niet te zonnig (want dan wil iedereen – ik inclusief - eigenlijk naar buiten) niet teveel sneeuw (zie opmerking bij zonnig) en niet teveel regen (wordt iedereen – inclusief ik- een beetje somber van). Gewoon mild en gemiddeld. Met een plots opstekend briesje en fijn zonnetje op het moment dat ik school uitstap.

Leukste leeftijd: Alle leeftijden zijn leuk om les te geven.

Spijt van: Een opmerking die ik maakte over mensen die langzaam hun boeken pakten. Ik had niet opgemerkt dat een heel lief klein meisje – die altijd haar zaakjes in orde had, maar enorm onzeker was- ook niet haar boeken had gepakt. Juist zij voelde zich aangesproken en barstte in huilen uit. Niet goed aangepakt, juf.

Geen tijd voor: pauze. Ik zou heel graag 45 minuten pauze willen tussen de middag, want in de praktijk hou ik meestal net 10 minuten over om te lunchen, naar wc en drinken. Dat laatste doe ik ook veel te weinig als ik werk. Niet goed, maar ja, de nieuwe les begint alweer

Lekkerste eten: Aan het einde van het jaar houd ik graag een afternoon tea met mijn klassen. Ik zorg voor de (ijs)thee, zij nemen hapjes mee. Sommige klassen maken daar echt een feest van.

Fijnste vakantieland: Engeland, Schotland, Ierland en Wales. Yes, please.

Vreselijk goor: Kauwgum onder tafels en leerlingen die rochelend in hun hand hoesten en je dan een hand geven. Altijd een flesje handgel in de buurt houden voor dat soort situaties.

Mezelf een duwtje geven: Om toch die grote stapel voor me te nemen en die rode pen op te zoeken.

Wil nog: lessen voor mijn 7e klassen ontwikkelen waarbij ik het hele jaar geen methode gebruik en via verhalen vertellen, lezen, luisteren en schrijven hen evenveel laat leren.

Mis een beetje: alle leuke collega's die ik op andere scholen achter heb gelaten.

Dansen: Niet teveel, maar voorzichtig een beetje mee bewegen tijdens de repetities van het voorjaarsconcert, tijdens het zelf zingen bij de kerstviering en bij het laten luisteren naar liedjes tijdens de les. Op geen enkele school kan ik af en toe zo dansen als op deze!

donderdag 4 mei 2017

Een dag uit het leven, de tweede helft

(afgelopen maandag beschreef ik een willekeurige werkdag. Iets te uitgebreid, zodat het niet in een stukje paste. Hier de tweede helft van een dag uit het leven van deze juf)

12.30
Een zevende klas volgt. Eerst reciteren we samen een Engels gedicht en daarna maken ze een leestoets. Ik had bedacht om hen daarna te laten werken aan hun huiswerk, maar sommige leerlingen zijn zo langzaam met lezen dat niet iedereen daar aan toe komt. Geeft niks, morgen weer een les, ieder mag in zijn eigen tempo.

13.15
Derde les, mijn negende klas mavo. Er staat een luistertoets op het programma overmorgen - die telt voor hun PTA = Programma van Toetsing en Afsluiting, ofwel hun diploma straks-  en die moet geoefend worden. Man!! Wat een weerstand. Ze hebben er geen zin in en zijn niet bang dat te vertellen. Toch beginnen we, en het is een lastige en doodsaaie toets. Arme kinderen... Als we de antwoorden samen bespreken blijken ze zelf in de gaten te hebben dat het toch wel handig is om te oefenen. Komt goed uit, morgen is de officiële proeftoets.

14.05
Mijn tweede pauze, maar dit is zoals altijd een pauze van niets. Ik kan snel naar de wc, gooi er een glas water in en poef! Weg pauze.

14.15
Vierde les, een zelfde les als om half een, maar toch weer heel anders. Weer een zevende klas, zelfde niveau, zelfde gedicht, even lang geoefend en toch gaat het minder goed. Ze hebben er minder zin in. Of wacht, het is hun laatste uur. Tja, dan zal het je ook een zorg zijn wat een klein blauw vogeltje (daar gaat het gedicht over. En over de liefde. Altijd die liefde weer.) allemaal uithaalt. Ik snap het helemaal.

15.05
Laatste lesuur: klassenuur. Gezellig kletsen we over hun cijfers, het schoolfeest, een klassenuitje en andere zaken. Na een tweetal korte mentorgesprekjes breng ik de spullen van het ene lokaal weer in de kast in het andere, trappen af, trappen op en weer trappen af, nu met een koffer die bijna te zwaar is om te tillen. Wat zit hier allemaal in?! Oh, ja die luistertoetsen, die moeten nog naar het andere gebouw. Komt straks wel, ik heb nu een gesprek. In het derde gebouw van de school. Een beetje frisse lucht is best lekker even.

16.00
Hoewel ik eigenlijk om 15.50, direct na het laatste uur, had afgesproken, gun ik mezelf een kop thee en sanitaire stop voor ik met de afdelingscoördinator de rapportvergadering van mijn mentorklasje voor bespreek. We kijken naar de cijfers van de vakken die ze in hun pakket gekozen hebben, en naar die van die niet gekozen vakken en formuleren vragen die we tijdens de vergadering willen stellen aan de docenten. Bij een aantal staan we even wat langer stil, maar toch gaat het bespreken vlotjes en loopt het niet gigantisch uit zoals ik dat ook weleens heb meegemaakt. Fijn!

16.55
Ik lees in een sms dat het eten thuis verbrand en vies was en droom even van een stiekem patatje op het station. Maar dan kom ik twee lieve collega's tegen die bij mij in het dorp wonen en kan ik met hen meerijden naar huis. Scheelt weer. Onderweg bespreken we een nieuwe uitvinding die taalverwerving veel makkelijker en sneller laat verlopen. Iets met linker-en rechterhersenhelft? Fascinerend. Waar de een denkt dat dit taalonderwijs overbodig kan maken zie ik visioenen waarin ik juist dieper op de stof in kan gaan en veel meer zou kunnen doen aan verwerken, creatieve opdrachten en – zou het ooit mogelijk zijn?- uitgebreid literatuuronderwijs, al vanaf de onderbouw. Al kletsend lost de file snel op en daar is thuis. Alleen wel vergeten die luistertoetsen terug te leggen. Moet dat morgenvroeg maar.

17.30
Ik slurp een bakje lauwe, flauwe soep naar binnen, terwijl ik luister naar de verhalen van mijn twee jongste dochters, de oudste is vandaag bij haar vader. Dochter van acht heeft gewerkt aan het maken van een eigen boek, er was iemand op school die hen hielp met druktechnieken. Dochter van vier had haar eigen muziekstuk geschreven en mocht deze voor de klas zingen. Heerlijke kinderen!

18.00
Mijn lief leest de jongste voor, middelste ruimt haar kamer op en ik kijk wat na. Jemig, wat een achterstallig nakijkwerk. Alweer! Ik had het monster bijna onder controle, lette even niet op en daar is het weer. Had ik maar geen leestoetsen moeten laten maken. Eigen schuld. Ik vind tijd om een opzetje te maken voor dit blog en zet dan snel de computer uit. Genoeg voor vandaag!

19.15
Samen met middelste en man drinken we een kop thee en lezen we op de bank, gezellig tegen elkaar aan. Even bijkomen.

19.45
Middelste ligt op bed, en mijn echtgenoot en ik vertrekken ook naar boven. Hij voor een portie Netflix, ik voor nog een staartje boek, maar al snel doe ik mijn bril af en boek weg en val tegen mijn liefje aan in slaap. Midden in de nacht word ik wakker en ben in gedachten direct bij een mail van ouders die ik vandaag ontving en die mij dwars zit. Ouders! Dat is een mooi onderwerp voor een volgend blog. Gelukkig kan ik het ook weer laten gaan en val in een rustige ontspannende slaap. Nog twee dagen te gaan voor het weekend!

maandag 1 mei 2017

Een dag uit het leven

Een tijdje terug deelde ik hier al eens hoe een week er voor mij uit kan zien, vandaag leek het mij leuk om wat uitgebreider een werkdag te beschrijven. Laten we eens een willekeurige dinsdag nemen.

Het is dus dinsdag en dat is mijn meest frisse dag. Het is de kortste lesdag die ik heb en ik heb net vier dagen vrij (althans niet op school) gehad. Toch zegt dat frisse niets, want alsnog vergeet ik op zo'n dag regelmatig iets.

05.15
Zo vroeg gaat vandaag mijn wekker. Ik hou van vroeg opstaan. Ik drink in mijn eentje in de donkere lege woonkamer een kop goed sterke Earl Grey, doe een mindfulness oefening en schrijf wat voor het boekenblog waar ik aan mee werk. Rond half zeven komen de kleintjes beneden en begint het circus van ontbijt maken, lunchtrommeltjes vullen en kinderen naar school brengen.

08.30
Vandaag is er een nieuwe rooster en kan ik iets later dan normaal naar school. Heel fijn, want zo kan ik tussen de kinderen naar school brengen en naar de bus rennen toch nog even een stukje typen, een kop thee drinken en enigszins gehaast iets op mijn knutselzoldertje doen. Niet heel mindful, maar ik krijg wel het gevoel ook nog met iets anders dan school bezig te kunnen. Best belangrijk als je weet dat ik na drie dagen werk vaak zo opgeslokt ben, dat ik tot ver in het weekend nog constant aan schoolse dingen denk.

10.15
Zo hol ik dan naar de bus om daar wat aantekeningen te maken over een nieuw mini-project dat ik met mijn achtste klas ga doen. Zo heb ik helder wat ik deze les en morgen met hen ga doen. De planningen voor de zevende klassen en mijn eigen negende klas liggen nog op school, maar dat geeft niet want ik heb in mijn hoofd wat ik met hen ga doen. Althans... Ik heb een iets vroegere bus genomen omdat het nieuwe rooster inhoudt dat ik lesgeef in een ander lokaal dan dat waar al mijn materialen liggen. Ik moet dus eerst alle spullen voor vandaag uit de kast in het ene lokaal halen en brengen naar het andere. Kan ik mooi redden zo. Tot ik ineens realiseer dat ik met de negende een luistertoets moet oefenen en de spullen daarvoor niet alleen in weer een ander lokaal liggen, maar zelfs in een van de andere gebouwen... Heel snel dus daar nog langs. Mijn hoofd draait alweer op volle toeren en ik dwing mezelf om ook nog een stukje van de busrit stil te zitten en te ervaren inplaats van te denken. Kalm aan, Lichthart!

10.45
Ik race langs het ene gebouw, verniel daar onbedoeld een laatje op zoek naar de juiste sleutel voor de juiste kast (sorry collega...) en loop snel door naar het andere gebouw. Hier sjouw ik mijn zware koffer omhoog, loop naar beneden, pak mijn spullen, loop snel naar boven, om er met armen vol boeken en klotsende zweetoksels achter te komen dat geen van mijn sleutels passen op de deur van dit lokaal. Een collega biedt uitkomst. De bel is inmiddels gegaan en ik schrijf snel het programma van de dag op het bord voor ik de leerlingen handen geef en binnen laat.

11.15
De eerste les is een experiment. De leerlingen moeten in teams ieder 1 ronde van een quiz voorbereiden. Ze hebben iets meer opstarttijd nodig dan ik dacht en ik besluit ter plekke het schema om te gooien. Improv skills: ik heb ze.

12.00
Eerste pauze. Voor het lokaal opgeruimd is, is het tien over, en met volle blaas ren ik naar de wc. In de docentenkamer is er heerlijke soep en ik heb maar liefst tien hele minuten om het op te eten. Na de soep nog een paar snelle glazen water en met gevulde maag ben ik klaar voor de tweede ronde.


(en aangezien ik het idee 'uitgebreider beschrijven' wel heel letterlijk neem, volgt aanstaande donderdag ook de tweede ronde van dit bericht, ofwel de tweede helft van deze werkdag)